Afgelopen week was het weer eens raak. Consultancybureau McKinsey kopte dat Europa de kostenoorlog met China hopeloos verliest. Ook investeert China zowel in absolute bedragen als in aandeel van de economie veel meer dan Europa. Deze analyse is niet nieuw: ECB-president Draghi en oud-ASML-topman Wennink zeiden eerder dat we meer kapitaal vrij moeten maken voor investeringen om te kunnen concurreren met China en de VS.
Het kabinet-Jetten omarmde de analyse van Wennink en nam zich in het regeerakkoord voor om de investeringssluizen open te zetten.
Uit een grote data-analyse van de wereldbekende econome Mariana Mazzucato en haar medeonderzoekers in opdracht van de Europese vakbondskoepel ETUC blijkt echter dat het kabinet daarmee de plank weleens lelijk zou kunnen misslaan.
Volgens zowel Draghi als Wennink moeten de omstandigheden voor bedrijven verbeteren zodat ze meer kunnen investeren. Denk aan minder regels, goed overheidsbestuur, belastingvoordelen voor bedrijven die investeren en het vrijmaken van pensioen- en spaartegoeden voor investeringen. Dit moet leiden tot een vloedgolf van kapitaal voor productieve investeringen met als eindresultaat economische groei.
Mazzucato stelt een hele andere diagnose: er is helemaal geen tekort is aan kapitaal. Het probleem is hoe bedrijven met hun geld omgaan.
De 300 grootste beursgenoteerde niet-financiële bedrijven in Europa (samen goed voor een omzet van bijna €8.000 miljard) geven steeds meer geld aan aandeelhouders door dividend uit te keren of hun eigen aandelen terug te kopen in plaats van te investeren, zo blijkt uit haar analyse. Tussen 2000 en 2024 namen uitkeringen aan aandeelhouders in reële termen met 179 procent toe bij de bedrijven waarvoor over deze hele periode data beschikbaar is.
Tegelijkertijd daalden de brutowinsten die niet-financiële bedrijven maakten met hun normale activiteiten (zie de grafiek hieronder). Hun nettowinsten werden overeind gehouden door inkomen uit hun steeds grotere aandelenportefeuilles.1 Goedkoop geleend geld werd besteed aan uitkeringen aan aandeelhouders. Kapitaal was door ruim monetair beleid en lage rentestanden wel degelijk goedkoop en overvloedig beschikbaar. Bedrijven kozen er alleen voor om het naar aandeelhouders en financiële markten te laten stromen, in plaats van naar hun eigen productie. Dit toegenomen belang van financiële producten in de economie noemen economen ‘financialisering’.
De dalende winstbelasting in de EU hielp ook een handje. Het gemiddelde tarief van de vennootschapsbelasting daalde van 35 procent in 1995 naar 21,2 procent in 2023, allerlei fiscale voordeeltjes nog niet meegerekend. Ondertussen bleven de loonkosten als aandeel van de omzet stabiel, ondanks alle groei. Zo konden bedrijven volgens Mazzucato steeds meer geld uitkeren aan aandeelhouders terwijl hun core business minder winstgevend werd.
Dit is zichtbaar in stagnerende R&D-uitgaven. Bedrijven hebben steeds minder een prikkel om in zichzelf investeren en dat is juist een probleem voor de groei die Draghi en consorten nastreven. Al is het wel de vraag of Mazzucato’s analyse van financialisering ook kan verklaren waarom de productiviteit in Europa achterblijft bij de VS, waar de economie al lange tijd sterk gefinancialiseerd is. Desalniettemin wijst Mazzucato er terecht op dat bedrijfsuitgaven aan financiële producten en uitkeringen voor aandeelhouders ten koste gaan van de productiviteit van de Europese economie.
Nu kun je misschien denken: Mazzucato schrijft over bedrijven uit de hele EU, dus misschien geldt die analyse wel helemaal niet voor ons.
Dan kom je van een koude kermis thuis: ook in Nederland is de winstquote van niet-financiële bedrijven tussen 2000 en 2024 sterk gestegen: van 37,4 naar 41,9 procent. De investeringsquote zwalkte in diezelfde periode van 19,2 naar 18,1 procent. En ook in Nederland staken grote beursgenoteerde bedrijven zich in de schulden om geld te geven aan aandeelhouders, ten koste van investeringen en de lonen.
Domweg de geldkraan opendraaien kan dus zomaar meer kwaad dan goed doen. Gelukkig heeft Mazzucato een alternatief: we moeten kijken naar hoe kapitaal besteed wordt.
Zo stelt zij voor om steun aan het bedrijfsleven aan strengere voorwaarden te onderwerpen: bedrijven krijgen alleen subsidies of belastingvoordelen als daar ook écht iets tegenover staat. Denk aan een eerlijke beloning van werknemers en investeringen in het productieve proces in plaats van de portemonnee van de aandeelhouder.
Dat kan volgens Mazzucato alleen maar als werknemers en vakbonden meer te zeggen krijgen over economisch beleid en bedrijfsbeleid. Daar zijn wij van vakbonds-WC-eend het natuurlijk volmondig mee eens 😉.
De Duitse regering komt met hervormingen om de economie concurrerender te maken. Bondskanselier Merz vindt onder meer dat Duitse werknemers zich te makkelijk ziek kunnen melden en dat zou een concurrentienadeel zijn.
Econoom en filosoof Ingrid Robeyns sprak in een podcast van Follow the Money over het limitarisme: is extreme rijkdom gevaarlijk?
Vakbondshistoricus Sjaak van der Velden vertelde over de geschiedenis van de vakbond en waarom die zich altijd al bemoeid heeft met wet- en regelgeving.
Even leek onze ergste nachtmerrie uit te komen: Statline lag er weer uit. En dat de dag voor een grote datadump!
Vond je dit nou een leuke nieuwsbrief? Geef ons een like, en stuur hem door naar anderen!
Heb je ideeën voor onderwerpen om te bespreken? Reacties? Mail ons op: rodecijfers@substack.com
Ongeveer de helft van de financiële activa van niet-financiële ondernemingen in de EU bestond in 2024 uit aandelen in aandelen- of beleggingsfondsen volgens een analyse van Eurostat, voor Nederland was dit aandeel 51 procent.
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.