RSS Amplifier

Ann De Craemer · Mar 7, 2026

Ik zag de halve wereld in Isfahan, en een bevolking die maar één ding wil: vrijheid

0
Sign in to vote or save

Ann De Craemer · Ann De Craemer

In juni 2009 trok ik een maand met de trein door Iran, samen met de fantastische fotograaf Pieter-Jan De Pue. Er waren presidentsverkiezingen op 12 juni. Algemeen werd verwacht dat de hervormingsgezinde kandidaat Mir-Hossein Mousavi het zou halen. Het plan was om drie maanden door het land te reizen — maar daar stak het regime een stokje voor.

Die maand schreef ik columns voor De Standaard. Later schreef ik er een boek over: Duizend-en-één-dromen. Een reis langs de Trans-Iraanse Spoorlijn. Wat ik zag, was een ontzettend moedige en gastvrije bevolking die snakte naar vrijheid. Dat woord keert ook telkens terug in mijn boek: azadi. Vrijheid, in het Perzisch.

Iran heeft me nooit losgelaten. Ik heb het land bestudeerd in mijn twee afstudeerscripties — één over literatuur; één over het Amerikaanse buitenlandbeleid tegenover Iran. Ik heb een beetje Farsi geleerd en ik denk dat ik het land redelijk goed ken. En toch vond ik het de voorbije week zo moeilijk om een mening te vormen over wat er nu in Iran gebeurt.

Het is een schande dat Amerika en Israël het internationale recht zo flagrant schenden. Maar ik ben ook intens blij dat Khamenei er niet meer is en het regime wankelt. En tegelijk ben ik bang voor wat er nu komt.

Ik hoop dat zoiets nog mag: zeggen dat je verontwaardigd maar ook blij bent, en dan meteen daarna weer bang. Te midden van het opbod aan stellige meningen dat ik de voorbije week zag, leek twijfel verdacht. Maar zo werkt het niet, als je een land werkelijk kent en ervan houdt.

Er is een lied dat ik jaren geleden vertaalde en waar ik de voorbije dagen vaak aan dacht: Morghe Sahar, of de Morgenvogel. Het is een van de meest geliefde Perzische liedjes — een vrijheidslied, geschreven door dichter Mohammad Taghi Bahar tijdens de Constitutionele Revolutie in het begin van de twintigste eeuw. Het werd sindsdien gezongen bij elke golf van verzet - ik hoorde het tijdens mijn laatste twee dagen in Teheran, ‘s nachts, toen jongeren het zongen. De uitvoering door Mohammad Reza Shajarian is legendarisch.

Morghe sahar, nale sar kon daghe ma ra tazeh tar kon zahe sharar bar, in ghafas ra bar shekan o zir o zebar kon bolbole par basteh, ze kandje ghafas dara naghmeye azadi no’e bashar sara va’z nafas arseye in khake todeh ra, por sharar kon zolm zalem, jur sayyad ashiyanam dade bar bad ey khoda, ey falak, ey tabi’at, shame tarike ma ra sahar kon

De vertaling:

Morgenvogel,
hef je klaaglied aan,
herinner me opnieuw aan mijn pijn,
met een brandende zucht,
breek deze kooi en zet ze op haar kop.
Nachtegaal met gebonden vleugels, kom vanuit de hoek van je kooi
en zing een nieuw lied van vrijheid voor de mensheid,
en vul met één adem dit strijdperk van de aarde met vuur.
De wreedheid van de tiran, de onrechtvaardigheid van de jager
hebben mijn nest doen verdwijnen in de wind.
O god, o hemelse wereld, o natuur,
maak van onze donkere nacht de dageraad.

Ik liep in Isfahan tussen aanhangers van Mousavi tijdens een rustige maar enthousiaste optocht, op het wereldberoemde Naqsh-e Jahanplein — ‘de afbeelding van de wereld’ betekent dat, in de stad die Iraniërs ‘nesf-e jahan’ noemen. ‘De helft van de wereld’ - omdat je de helft van de wereld hebt gezien als je in Isfahan bent geweest. Mousavi gaf er een speech. Een dag later 'won' Ahmadinejad - er was grootschalige fraude. Mousavi werd in 2011 zonder proces of aanklacht onder huisarrest geplaatst. In januari van dit jaar smokkelde hij vanuit zijn gevangenschap een verklaring naar buiten, tijdens de massamoord op duizenden betogers: ‘Genoeg. Het spel is voorbij.’ Hij riep staatstroepen op hun wapens neer te leggen en de macht terug te geven aan het volk. De man die ik zag speechen op het mooiste plein ter wereld: zestien jaar later nog steeds opgesloten — en nog steeds niet het zwijgen opgelegd.

We kregen op 13 juni, een dag na de verkiezingen, het advies naar huis te gaan – de Groene Revolutie was net begonnen en in Teheran waren er al protesten. We bleven nog acht dagen, trokken door naar het zuiden, en dan weer naar Teheran, waar ons journalistenvisum, zoals verwacht, niet werd verlengd. Pottenkijkers waren niet meer toegelaten.

Maar die maand staat voor altijd in mijn geheugen gegrift. De gastvrijheid, de strijdlust, de hardnekkige hoop. Nooit heb ik een warmere bevolking ontmoet.

Ik heb geen idee over wat er nu gaat gebeuren in Iran – ook dat is een mening; dat, ondanks alles wat je weet over een land, je het simpelweg niet weet, omdat de situatie zo volatiel en complex is dat voorspellen onmogelijk is. Ik weet wel dat ik maar één ding wil voor het mooiste land dat ik ooit zag: azadi.

Ann De Craemer is a reader-supported publication. To receive new posts and support my work, consider becoming a free or paid subscriber.

Laat een reactie achter

Read the original on anndecraemer.substack.com

Comments

Nothing yet. Say the first thing.

    Sign in to join the conversation.