English version here →
Als één film aantoont hoezeer Hollywood achter de feiten aanloopt van wat er op online platforms gebeurt, dan is het wel de horrorfilm Backrooms, die vorige week in première ging. De regisseur, Kane Parsons, is pas twintig jaar oud en verwierf al als tiener een cultstatus op YouTube door zijn nachtmerrieachtige filmpjes over verlate, labyrintische ruimtes. De bekende horrorproducers James Wan (The Conjuring) en Osgood Perkins (Longlegs) kregen hem in hun vizier en lieten hem met een budget van tien miljoen dollar een feature film regisseren.
Parsons is overigens niet de bedenker van de Backrooms-rage; het ontspon zich in 2020 op het kanaal 4chan rond unheimische kiekjes die aanleiding gaven tot eindeloze online speculaties. Het mag geen toeval heten dat dit fenomeen juist tijdens de covidjaren viraal ging, toen tieners als Parsons uit hun ramen staarden naar de verlaten straten, winkels en kantoorpanden. Waar was iedereen? Kwam dit ooit nog goed?
Totaal onbekend met het internetfenomeen liet ik me gisteren overdonderen in een zaal vol twintigers die wel wisten welke kant het op zou gaan. In deze korte beschouwing zal ik de spoilers achterwege laten; u moet de film vooral zelf gaan zien, liefst zo blanco als ik. Laat ik het erop houden dat ik sinds The Blair Witch Project weinig horrorfilms heb gezien die zo’n verrassende, nieuwe ingang tot de nachtmerrie wisten te vinden. In Backrooms dwalen de hoofdpersonages door een doolhof van raamloze kamers. Die analoge intimiteit presenteert zich eerst nog bekend en bedaagd, maar wordt hoe langer hoe onbehaaglijker. De vraag rijst of er ooit nog een weg terug is.
Naast het uitblijven van tekst en uitleg schuilt de kracht van deze film in de wat krukkige vormgeving. De verontrusting krijgt geen filter. Hier geen gelikte CGI-technologie, die zoveel wordt toegepast dat ze de voor het griezelen zo funeste gewenste gewenning heeft bereikt. In Backrooms zijn we terug bij af, opgesloten in onze achterhaalde, verhaspelde herinneringen.
De oude filmliefhebber herkent de vormgeving van trauma en spijt uit Solaris van Andrej Tarkovski, de onbeholpen, geestige uitzichtloosheid van de korte films van David Lynch (The Grandmother) en ook het spel met de onbetrouwbare ruimte is niet nieuw. Zo verdwalen de hoofdpersonen in Relic van Natalie Erika James en David Koepps’ You should have left (beide uit 2020) ook in een huis dat zich onmogelijk gedraagt.
Jaren geleden, voordat You should have left werd verfilmd, zakte ik een avondje door met de schrijver van het boek, Daniel Kehlmann. We hadden samen op Crossing Border op een podium gezeten en de reden voor het blijven bestellen van wodka was een gedeelde interesse in horrorfilms, iets waar destijds in het literaire milieu nog een beetje op werd neergekeken. Althans, dat voelde zo - de weerzin kan ook komen omdat het gewoon ontzettend moeilijk is om goede, literaire horror te schrijven.
In mijn laatste roman, De bandagist, valt de hoofdpersoon, Joost, eerst buiten zijn eigen, vluchtige tijdsgewricht, om daarna verdrukt te raken tussen de rottende benen en de immense belezenheid van patiënten die hij moet verzorgen. Hun huizen zijn groot en onbegrijpelijk en zullen voor hem altijd onbereikbaar blijven. De benarde positie waarin hij belandt is uiteindelijk ook mijn schuld, ik schreef hem immers dit boek in, zette hem vast als personage van de zoveelste roman die ongelezen zal worden weggeschoven voor het binge-watchen van een Netflix-serie.
A propos: hoe positief deze, voor mijn doen nogal plot-driven roman ook werd ontvangen, de Nederlandse directrice van Original Series bij Netflix Benelux wees het af toen ze het manuscript van mijn uitgever ontving. De bandagist bood helaas ‘onvoldoende concrete dramatische handvatten’ voor een film of serie: ‘Dat ligt aan onze ambitie om series te produceren voor een zo breed mogelijk Nederlands publiek’. En zo verdween Joost samen met zoveel personages, verfrommeld en vergeeld in de straatcontainer.
De fans van Backrooms storen zich echter helemaal niet aan het gebrek van concrete dramatische handvatten; die gaan er juist op los. Hoe raadselachtiger, hoe liever! Grappig genoeg schuilt de dramatiek van beide verhalen nu juist in het ontbreken van houvast in onze haastige online wereld. Ook de ruimtes die Joost in De bandagist moet bezoeken om zijn zieke patiënten te verplegen, weerspiegelen hun mentale toestand, terwijl hij vanuit zijn in de tijd bevroren zolderkamer naar het leven staart daarbuiten, dat hij niet meer gelooft.
Ook zo goed aan Backrooms is het feit dat de hoofdpersonages dit keer géén stoere tienermeisjes met ouija-boards zijn, zoals de Netflix-algoritmes voor horrorscenario’s al tien jaar voor lijken te schrijven. De protagonisten, invoelbaar neergezet door de Europese acteurs Chiwetel Ejiofor en Renate Reinsve, zijn van middelbare leeftijd. Geen positieve helden langs de gewenste lijn, maar onzekere sappelaars zoals u en ik, die zijn vastgelopen in het leven. En het jonge publiek in de bioscoop verplaatst zich er gretig in.
Misschien moet ik, in een laatste poging om mijn personage te redden van de ondergang, me tot een filmscenario-schrijvende AI Bot wenden. Het Duitse AI-bedrijf Black Forest Labs werd deze week beloond door een partnerschap met Martin Scorcese, in een poging om acteurs en scenaristen nog een zetje richting de afgrond te geven voor hij zelf naar de eeuwige jachtvelden vertrekt. Er valt allemaal niet meer tegenop te pennen.
Dit stukje verscheen níet in Hp/De Tijd, maar alleen lekker hier op Substack. Gratis zoals altijd, maar mocht u deze dolende ziel toch willen trakteren op een kopje thee, dan is hier:
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.