Elke 3 december staat de wereld stil bij de Internationale Dag van Personen met een Handicap.
We denken dan vaak aan mensen bij wie je meteen ziet dat ze een beperking hebben.
Maar er is ook een grote groep bij wie dat niet zichtbaar is.
Hun uitdagingen bevinden zich onder de oppervlakte, maar zijn daarom niet minder echt.
In ons land leven ongeveer 600.000 mensen met een handicap.
Een indrukwekkend aantal.
Toch lopen veel mensen rond zonder dat iemand merkt dat ze een vorm van beperking hebben.
Dat maakt het soms juist zo moeilijk.
Want hoe kun je rekening houden met iets dat je niet ziet?
Onzichtbare handicaps vragen om begrip, geduld en vooral: een open blik.
Dit is mijn verhaal.
Mijn oog: ‘Je ziet het niet, maar ik weet het wel.’
Toen ik vijf jaar was (1963), bleek ik scheelziend.
Drie operaties volgden, telkens met de hoop dat mijn linkeroog zou verbeteren.
Mijn ogen stonden ‘recht’, maar ik zag en zie uiteindelijk helemaal niets uit mijn linkeroog.
Vanaf 1963 tot 1973 droeg ik een bril met heel donkere glazen.
Wellicht opdat anderen mijn scheelheid niet zouden zien.
Die jaren waren soms hard.
Ik heb heel weinig foto’s uit mijn kindertijd waar ik graag naar kijk.
Het ‘oogde’ niet mooi, die donkere brilfoto’s.
Ik werd ook gepest.
In de lagere school te Pollinkhove gebeurde dat niet.
Maar op de middelbare school te Poperinge, des te meer.
De reactie van mijn omgeving was steeds: ‘Je moet je sterk houden.’
Maar hoe doe je dat?
Toch heeft het mijn karakter deels gevormd.
Ik wilde mezelf voortdurend bewijzen: ik kan het ook met één oog.
Mijn oogarts gaf me gelukkig ook wat moed: mijn rechteroog compenseerde een stukje het verlies van mijn linkeroog. En dat bleek waar.
Ik haalde mijn rijbewijs op mijn 18de en nu, 67 jaar oud, heb ik al honderdduizenden kilometers gereden zonder een enkel ongeval.
Ook in de sport zocht ik uitdagingen.
Ik werd voetbalscheidsrechter tot in tweede provinciale.
’JA, ik kon het!!!’
Het ging me goed af, al kostte het me soms meer moeite dan anderen ooit zullen beseft hebben.
Een onverwacht voordeel kwam er in 1978, toen ik door een gebrek aan dieptezicht werd afgekeurd voor de legerdienst.
Oef…!!
Door de jaren heen ontwikkelde ik trucjes om mijn gebrek te compenseren.
Parkeren in de straat, enkel als ik heel veel plaats heb.
Wanneer ik een groep toespreek, kijk ik niet naar de mensen.
Wellicht vervelend voor hen, maar geruststellend voor mezelf.
In een groep kan ik niet zomaar iemand aanwijzen met mijn ogen. Steeds kijken ze naar hun buurman.
Ik leerde ermee leven. Het maakte me creatiever en veerkrachtiger.
Mijn oor: ‘Ik hoor je wel, maar begrijp je niet altijd.’
Als kind had ik vaak oorontstekingen.
Daardoor kwam er een gaatje in mijn linker trommelvlies.
De medische zorg stond toen nog niet zo ver, met blijvende schade als gevolg.
Jaren geleden stelde mijn oorarts vast dat ik nog maar 60% van mijn gehoor overhield in dat linkeroor.
Eén gehoorapparaat bood de oplossing. Ook hier compenseert het rechteroor wat ik verlies op links.
De moeilijkste situaties zijn ruimtes met slechte akoestiek.
Een groot gezelschap?
Een rumoerige zaal?
Vele keren haak ik af.
Letterlijk. Ik kan een gesprek niet volgen en begin automatisch te knikken en te lachen, zonder echt te weten waarover het gaat.
Dat geeft een ambetant gevoel van isolement.
Gelukkig bestaan er plaatsen die wél aandacht hebben voor akoestiek.
Bepaalde restaurants maken er zelfs werk van via een akoestisch architect.
Daar kan ik ontspannen, praten, luisteren en vooral: erbij horen.
Mijn vader worstelde ook met zijn gehoor.
Hij had twee gehoorapparaten.
De techniek toen was nog niet zoals vandaag.
Hij moet zich heel dikwijls eenzaam gevoeld hebben.
Een één-op-één-gesprek lukt me beter – mits je me aankijkt.
Ook de snel evoluerende technologie helpt me een handje.
Bluetooth is een fantastische uitvinding.
De TV van op afstand via je gehoorapparaat kunnen beluisteren, zorgt voor een rustige en aangename sfeer in de woonkamer.
Bij papa stond het volume soms keihard hoog. Dat vergrootte soms het onbegrip.
Onzichtbare handicaps: ‘Je ziet het niet, maar ze zijn er wel.’
Een onzichtbare handicap zie je niet.
Je merkt het pas wanneer iemand het vertelt of wanneer je voelt dat iets niet helemaal vanzelf gaat.
Dat maakt de drempel groter, zowel voor de persoon zelf als voor de omgeving.
Een beperking die je niet ziet, wordt vaak onderschat.
Mensen bedoelen het goed, maar weten simpelweg niet dat er rekening moet worden gehouden.
Of ze zijn niet in de mogelijkheid om er rekening mee te houden.
Daarom is begrip en empathie zo belangrijk. En een beetje zorg.
Je hoeft echt geen specialist te zijn om het leven van iemand met een onzichtbare handicap aangenamer te maken.
Een onzichtbare handicap is als een onzichtbaar rugzakje: je draagt het altijd met je mee, maar anderen zien het niet.
Enkele voorbeelden:
Chronische pijn of vermoeidheid (bijv. reuma, fibromyalgie)
ADHD, autisme of dyslexie
Psychische aandoeningen (angst, depressie)
Gehoor- of gezichtsproblemen (zoals bij mij)
4. Hoe kun jij het verschil maken? Enkele praktische tips
4.1. Vraag niet: ‘Wat is er mis met je?’ maar: ‘Hoe kan ik je helpen?’Niet altijd gemakkelijk, omdat de persoon in kwestie niet steeds duidelijk kan maken dat hij een onzichtbare handicap heeft.
Praten kan helpen.
Kijk naar de persoon en praat voldoende luid en duidelijk.4.2. Respecteer het tempo van de ander – Wees geduldig in gesprekken.
Of het nu gaat om horen, zien, concentreren of bewegen: iemand met een beperking doet soms wat langer over bepaalde zaken.
4.3. Kies handicap-vriendelijke plekken.
Kies een rustig café of restaurant: dat maakt een wereld van verschil. (is niet altijd mogelijk…)
Een eenvoudige maar krachtige hulp voor mensen met gehoorproblemen, autisme, ADHD, tinnitus of migraine.4.4. Geloof mensen als ze zeggen dat ze moeite hebben. Zelfs als je het niet ziet.
Niet iedereen hoort of ziet álles even goed.
Een vriendelijk herhalen maakt een wereld van verschil.4.5. Oordeel niet te snel.
Iemand die niet reageert, niet meekijkt, vaak “Wat?” zegt, druk lijkt of afstandelijk overkomt…
Soms heeft dat een heel eenvoudige, maar onzichtbare, medische reden.4.6. Leer kinderen en volwassenen over onzichtbare handicaps.
Alle deelnemers in de samenleving kunnen inspanningen doen om dit thema blijvend op de kaart te zetten: onderwijs, media, overheid…
5. Een pleidooi voor meer mildheid
Mensen met een onzichtbare handicap willen niet zielig gevonden worden.
Ze willen vooral begrepen worden.
Kleine aanpassingen kunnen een groot verschil maken.
Soms is het enige dat nodig is: een beetje aandacht voor wat je niet meteen ziet.
Het helpt wel als de betrokken persoon kenbaar maakt dat hij een onzichtbare handicap heeft.
Dat is niet altijd eenvoudig.
Schaamte, onbegrip of gewoonte kunnen in de weg staan.
Maar als we samen een cultuur creëren waarin het veilig is om je kwetsbaarheid te tonen, dan wordt het voor iedereen makkelijker.
Jouw uitdaging: Wat ga jij doen?
Je hebt nu mijn verhaal gelezen.
Je weet dat onzichtbare handicaps overal om je heen zijn.
Misschien herken je jezelf erin, of iemand in je omgeving.
Maar wat ga je ermee doen?
Ga je de volgende keer dat iemand ‘Wablief?’ zegt, geduldig herhalen?
Ga je een rustige plek voorstellen als je merkt dat iemand moeite heeft met lawaai?
Ga je je kind uitleggen dat niet elke beperking zichtbaar is?
Ga je zelf je onzichtbare last durven delen, als je die hebt?
De Internationale Dag van Personen met een Handicap is maar één dag per jaar.
Maar inclusie?
Dat is elke dag.
Het begint met kleine gebaren, met een open blik, met de moed om te vragen: “Hoe kan ik je helpen?”
Dus, wat wordt jouw eerste stap?
Tot slot
Mijn onzichtbare handicaps hebben me geleerd om door te zetten, creatief te zijn, en medeleven te vragen wanneer ik het nodig had/heb.
Maar ik hoop oprecht dat deze blogpost vooral één ding doet.
Dat jij voortaan niet alleen kijkt, maar ook ziet.
Niet alleen luistert, maar ook hoort.
Want een inclusieve wereld begint bij begrip – voor wat je wel en niet kunt zien.
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.