Vrienden,
Ik schrijf u vandaag vanuit een hotelkamer in Brussel. Het is 30 juni — precies 66 jaar geleden dat Congo ‘onafhankelijk’ werd van België. Voor 75 jaar lang werd het lot van de Congolezen vanuit deze stad bepaald. Het is een hartverscheurende geschiedenis van uitbuiting en slavernij, waarin miljoenen Congolezen het leven lieten. Miljoenen anderen verloren hun waardigheid — tot op de dag van vandaag. En de Belgen verkregen, net als andere kolonisatoren, niet alleen materiële rijkdom; die koloniale geschiedenis heeft in het Belgische collectieve archief ook geleid tot een psychose.
Vorig jaar droeg ik tijdens ‘Letters to Lumumba’ in De Nieuwe Liefde een brief voor. S. R. Kanobana schreef het boek Lumumba’s Droom, dat de aanleiding vormde voor deze literaire avond.
Vandaag, op deze symbolische dag, deel ik deze woorden graag met u.
Michel Nkuka Mboladinga, die het levend standbeeld van Lumumba vertolkt tijdens WK Voetbal in Mexico.
-
Lieve Patrice,
Ik schrijf het begin van deze brief op de campus van Wageningen University & Research. De zon schijnt, en ik zie vrolijke gezichten om mij heen. Op deze universiteit komen mensen uit alle uithoeken van de wereld samen. Kennelijk moet je hier zijn voor de beste kennis op het gebied van landbouw, bosbeheer en ontwikkeling. Het is inspirerend, Patrice, om al die studenten en wetenschappers te zien die voorbij de grenzen van de natiestaat kennis delen. Kennis waar onze wereld nu en later dringende behoefte aan heeft.
Maar de weg naar Wageningen en andere prestigieuze universiteiten in de wereld is niet voor iedereen weggelegd, Patrice. Talloze talentvolle studenten, ook uit Congo, missen de middelen en de juiste papieren om toegelaten te worden. Ik weet dat jij geloofde dat de onafhankelijkheid van Congolezen en Afrikanen gepaard diende te gaan met de vrijheid van bewegen. Mensen dienden zich makkelijk te kunnen verplaatsen naar andere delen van het continent en de rest van de wereld om te leren. Jij was een universalist die geloofde in de kracht van reizen en uitwisselen.
Ik moet je met pijn in mijn hart mededelen dat jouw ideaal anno 2025 een utopie blijft. Sinds de onafhankelijkheid van Congo en veel andere landen in het Mondiale Zuiden zijn wij in een ware koloniale dystopie beland. Grenzen die door koloniale mogendheden op arbitraire wijze zijn getekend, zijn heilig verklaard. Daarnaast hebben voormalige kolonisators een systeem opgetuigd dat de bewegingsvrijheid van mensen uit het Mondiale Zuiden beperkt. Nog meer dan in jouw tijd, Patrice, is het moeilijk om jouw geboorteland te verlaten zonder strikte visa. De migrant – als gelukszoeker of student – wordt in eerste instantie met argwaan bekeken. Het kolonialisme heeft psychische muren tussen mensen geplaatst. Patrice, we leven in een postkoloniale nachtmerrie, waar ons het vermogen wordt ontnomen om elkaar als mensen te ontmoeten.
Studenten uit het Mondiale Zuiden die hun weg vinden naar deze campus moesten complexe visaprocedures ondergaan om te bewijzen dat zij het waard zijn om hier te komen studeren. Maar als ze eenmaal hier zijn, beseffen ze ineens hoe eenzijdig de academische wereld is. Impliciet en expliciet krijgen ze te horen dat zij de beste kennis van de wereld op deze campus krijgen, en dat zij naar hun land terug kunnen om die kennis toe te passen. Met andere woorden: hier in het Mondiale Noorden wordt kennis geproduceerd en ontwikkeld, en vervolgens wordt die kennis in het Zuiden toegepast. Met uitzondering van specifieke vakken die zich met dekolonisatie bezighouden, is de academische wereld doordrongen van koloniaal gedachtegoed. Er heerst een gedachte dat studenten die hier in Wageningen en op andere prestigieuze westerse universiteiten hebben gestudeerd de juiste papieren hebben om hun land te ontwikkelen.
Lieve Patrice, we weten inmiddels dat dit een leugen is. Sinds de onafhankelijkheid van Congo en andere landen in het Zuiden hebben tientallen studenten hun weg naar prestigieuze universiteiten gevonden. De meeste van hen zijn politieke leiders en hoge ambtenaren geworden. Maar de pijnlijke waarheid is dat ze in hun handelen nog steeds hetzelfde neokoloniale regime reproduceren waartegen jij hebt gevochten.
Ik weet dat jij van mening was dat Congolese studenten naar universiteiten zoals Wageningen konden gaan om kennis op te doen die de wederopbouw van Congo moest faciliteren. Maar ik weet ook dat jij geloofde dat Congo in haar eigen onderwijs moest investeren. Als universalist geloofde jij in het ideaal van uitwisseling – Congolezen hoefden niet alleen eenzijdig te kopiëren wat er in het Noorden wordt geproduceerd en dat klakkeloos toe te passen in hun eigen land. Je geloofde dat wij als wereldgemeenschap van elkaar konden leren. Dat er zowel in Europa als in Afrika waardevolle kennis te vinden was.
Het universalisme dat onderdeel van jouw droom was, staat ver van onze werkelijkheid anno 2025. We zijn overgeleverd aan een wereld waar er weinig ontmoeting bestaat tussen mensen uit verschillende groepen en klassen. Zelfs academici, journalisten en andere geprivilegieerde burgers die wel makkelijk kunnen reizen, hanteren een beperkte vorm van universalisme. Ze reizen naar de rest van de wereld om hun wereldbeeld te delen, of om cultuur te consumeren als een commercieel product, als een ervaring. Maar waarachtige verbinding, waarin we ons bewust worden van onze gedeelde lotsverbondenheid, blijft ver te zoeken.
Daarnaast zien we een opmars van het populisme, zowel in het Noorden als het Zuiden. Dit populisme ontkent het complexe karakter van onze wereld, en het feit dat wij als wereldgemeenschap een gezamenlijke kwetsbaarheid delen.
Ik vraag mij af wat voor soort gesprek we zouden hebben als ik nu de kans had om jou te interviewen. Wat zou jouw antwoord zijn op het populisme in zowel het Noorden als in het Zuiden?
Ik zou je ook vragen wat jij van het verschijnsel natiestaat vindt. In wezen is de natiestaat op het Afrikaanse continent een koloniale constructie. Het internationale staatssysteem — het idee dat de natiestaat de principale organisatiestructuur voor het sociale leven is — wordt nu ingezet als een middel om een deel van de wereld te onderdrukken, Patrice. Dat verklaart waarom de mobiliteit van mensen wordt beperkt – niet alleen van het Zuiden naar het Noorden, maar ook tussen landen in het Zuiden onderling.
Toen mijn broertje eerder dit jaar vanuit Congo naar Burundi wilde voor een medische behandeling, moest hij zo lang wachten op de juiste papieren dat zijn gezondheid alleen maar verslechterde. Toen mijn zusje dit jaar naar een ander Afrikaans land vluchtte als gevolg van de oorlog, werd zij met honderden andere Congolese vluchtelingen de toegang geweigerd. De vernederingen die zij onderging zijn te pijnlijk om te delen, Patrice, en het is nu nog onzeker of zij in het desbetreffende land volwaardig mag blijven. Ze voelt zich in ieder geval niet welkom.
In een gesprek met jou zou ik je vragen waarom jij de natiestaat hebt toegeëigend, zoals jij en andere antikoloniale verzetshelden dat deden. Zag jij het risico niet van het omarmen van het narratief van de natiestaat en het idee van nationale soevereiniteit?
Net als veel Congolezen ben ik opgegroeid met het idee dat jij onze nationale verzetsheld was. Ik voel dan ook een moreel appèl om te strijden voor de nationale soevereiniteit van Congo, omdat jij als mijn nationale held daar een grote prijs voor hebt betaald. Ik denk dat jouw strijd, en jouw offer, de reden is waarom Congo nu als land op papier nog soeverein is, ondanks de vele pogingen om het uiteen te rafelen. De balkanisering van Congo, waar jij destijds mee te maken kreeg als premier, is nu nog steeds een reële dreiging. Daar waar het in jouw tijd ging om de provincie Katanga, gaat het op dit moment vooral om de Kivu’s — het deel van het land waar ik vandaan kom. Ondanks de slechte regeringen waar de Congolezen na jouw dood mee te maken kregen, en de eindeloze instabiliteit, blijft het feit dat jij jouw leven hebt opgeofferd voor de eenheid van Congo een onuitputtelijke bron van inspiratie voor miljoenen Congolezen. Inclusief mijzelf.
Maar lieve Patrice,
Dankzij het boek van Sibo Rugwiza Kanobana ben ik gaan inzien dat jouw denken en handelen veel groter was dan Congo alleen. Jij was een universalist die geloofde dat wij als wereldgemeenschap met elkaar verbonden zijn. Jij geloofde in het idee dat mensen op lokaal niveau en binnen hun eigen groep invulling moesten geven aan hun eigen leven. Maar je geloofde ook dat individuen voorbij hun eigen groep konden uitwisselen met de rest van het land, het continent en de wereld.
Jij was een grensdenker, moeilijk in een hokje te plaatsen.
En ik hoop oprecht dat velen op deze campus, en in de rest van de wereld, jouw naam en denken leren kennen. Want jij bent de gids die wij nodig hebben om onze naar binnen gekeerde neigingen te overwinnen. Niet alleen hier in het Noorden, maar ook in het Zuiden.
-
Morgen verschijnt deel twee van deze Brusselse overpeinzingen, waarin ik reflecteer op Keti Koti, de herhaalde politieke nadruk op beeldvorming in plaats van waarachtigheid, en de noodzaak van betekenisvolle frictie aan onze eigen keukentafels.
Als dit denken jou aanspreekt, hoor ik graag wat er bij je resoneert. Je kunt je hieronder abonneren — gratis of betaald (waarmee je mijn koffie tijdens het schrijven bekostigt).
Ga, zet het voort in de bergen! Mogen we elkaar vinden in het ongemak.
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.