RSS Amplifier

Arend Jan Boekestijn · Aug 7, 2026

Over muziek en geur

0
Sign in to vote or save

Boekestijn Geopolitics · Arend Jan Boekestijn

Er is geen vaste biologische één-op-éénrelatie tussen een bepaalde geur en bepaalde muziek, maar geur en muziek kunnen elkaar psychologisch opvallend sterk beïnvloeden. Dit wordt crossmodale correspondentie genoemd. Onze hersenen leggen spontaan verbanden tussen prikkels uit verschillende zintuigen.

Bijvoorbeeld: hoge, lichte klanken worden relatief vaak gekoppeld aan frisse, lichte geuren zoals citrus, munt of bloemen. Lage, donkere klanken eerder aan hout, aarde, leer, rook of zware specerijen. Snelle, scherpe of dissonante muziek kan een geur scherper of prikkelender doen lijken, terwijl langzame, consonante muziek dezelfde geur zachter of aangenamer kan laten overkomen.

Interessant is dat dit ook met emotie te maken heeft. Zowel muziek als geur hebben sterke verbindingen met hersensystemen voor emotie en autobiografisch geheugen. Een geur kan daardoor een herinnering oproepen, terwijl muziek de emotionele kleur van die herinnering versterkt. Het beroemde literaire voorbeeld is natuurlijk Prousts Madeleine, maar muziek kan een vergelijkbaar geheugenmechanisme activeren.

Er bestaat bovendien onderzoek waarbij mensen geuren aan muzikale eigenschappen koppelen: toonhoogte, timbre, tempo en consonantie. Parfumeurs en kunstenaars experimenteren daarom met combinaties van parfum en muziek.

Dit sluit mooi aan bij mijn vorige essay over barokmuziek en de affectenleer. In de 17e en 18e eeuw dacht men uitgebreid na over hoe muziek specifieke affecten kon oproepen. Kunnen toonsoorten, intervallen en timbres niet alleen emoties, maar ook zintuiglijke associaties zoals kleur, smaak en geur oproepen?

Daar is tegenwoordig experimenteel onderzoek naar gedaan. Het interessante is dat moderne psychologie hier iets laat zien dat verrassend goed aansluit bij oude ideeën over muzikale affecten — zonder overigens dat bijvoorbeeld Matthesons koppeling van toonsoorten aan emoties daardoor wetenschappelijk bewezen wordt.

Wanneer proefpersonen een geur ruiken en vervolgens moeten aangeven welke muziek daarbij past, blijken hun keuzes niet willekeurig. Een frisse citrusgeur wordt zoals eerder betoogd bijvoorbeeld eerder verbonden met hogere tonen, heldere klankkleuren en een levendiger tempo. Houtachtige, rokerige of muskusachtige geuren worden vaker gekoppeld aan lagere registers, donkere timbres en tragere muziek.

Nog interessanter wordt het bij afzonderlijke geuren. Vanille wordt doorgaans als zacht, rond en aangenaam ervaren en past daardoor eerder bij consonante, warme muziek. Citroen roept eerder iets hoogs, scherps en beweeglijks op. Rook, leer of donkere houtgeuren kunnen juist associaties oproepen met lage strijkers, lage blazers of een donker harmonisch landschap.

Daarbij spelen waarschijnlijk minstens drie mechanismen tegelijk. Ten eerste emotie: een geur en een muziekfragment kunnen dezelfde stemming oproepen. Ten tweede semantische associatie: citrus betekent voor ons bijvoorbeeld fris en licht, eigenschappen die we metaforisch ook aan muziek toeschrijven. Ten derde zijn er mogelijk meer fundamentele zintuiglijke overeenkomsten: intensiteit, scherpte, helderheid en zwaarte kunnen door verschillende zintuigen op vergelijkbare dimensies worden geordend.

En dan wordt de barok interessant Neem Johann Mattheson. In Das neu-eröffnete Orchestre (1713) kent hij verschillende toonsoorten verschillende affectieve karakters toe. Dat is uiteraard iets anders dan zeggen dat E-klein letterlijk naar een bepaalde geur “ruikt”.

Maar stel dat een componist met E-klein, dalende lijnen, chromatiek, en een donker register verdriet of contemplatie oproept. Een luisteraar kan dat affect vervolgens verbinden met andere zintuiglijke eigenschappen: donker, koud, bitter, rokerig, aards. Zo ontstaat een keten waarin de muzikale structuur een bepaald affect oproept, dat vervolgens wordt verbonden met een zintuiglijke kwaliteit en uiteindelijk met een geurassociatie. Dat is aanzienlijk aannemelijker dan de veronderstelling van een rechtstreeks biologisch verband, zoals: ‘E-klein roept de geur van wierook op.’

En precies daarom zou een experiment met Bach of Rameau fascinerend zijn. Laat honderd mensen hetzelfde fragment horen en laat ze kiezen tussen bijvoorbeeld citroen, roos, vanille, dennenhout, aarde en wierook. Als bepaalde composities systematisch met bepaalde geurfamilies worden verbonden, heb je een moderne experimentele manier om te onderzoeken hoe ver de oude affectenleer zich over de zintuigen uitstrekt.

Bij Rameau verwacht ik bijvoorbeeld dat de klankwereld van Les Cyclopes heel andere geurassociaties veroorzaakt dan een langzaam, melancholisch deel in mineur: eerder metaalachtig, droog, scherp of rokerig tegenover warm, houtachtig of donker-bloemig. Dat laatste is een hypothese, geen historisch gegeven.

Er is overigens daadwerkelijk wetenschappelijk onderzoek gedaan naar muziek-geurcorrespondenties. Er blijkt behoorlijk overtuigend bewijs te zijn dat mensen systematisch geuren aan muzikale eigenschappen koppelen, ook zonder synesthesie. Een van de interessantste onderzoekslijnen komt van Anne-Sylvie Crisinel en Charles Spence.1 In experimenten kregen proefpersonen verschillende geuren en moesten ze daar muzikale tonen en instrumenten bij kiezen. De overeenkomsten tussen proefpersonen waren aanzienlijk groter dan je op basis van toeval zou verwachten.

In dit artikel uit 2012, onderzochten Anne-Sylvie Crisinel en Charles Spence hoe mensen twintig geuren die met wijn worden geassocieerd koppelden aan muzikale toonhoogten en instrumenten. De belangrijkste uitkomst was dat die koppelingen niet willekeurig waren. Deelnemers bleken bepaalde geuren systematisch met hogere en andere met lagere tonen te verbinden. Bij ongeveer 25% van de geuren was er bovendien een duidelijke voorkeur voor een bepaald soort instrument.

De onderzoekers onderzochten twintig geuren die met wijn samenhangen. Fruitige geuren zoals appel, citroen, abrikoos en framboos werden relatief vaak met hogere tonen verbonden, terwijl bijvoorbeeld musk, rook, pure chocolade en hooi eerder met lagere tonen werden geassocieerd. Ook ontstonden verbanden met instrumentklank: fruitige geuren vaker met piano/houtblazers, musk relatief vaker met koperblazers.

Interessant is dat Crisinel en Spence vonden dat vooral aangenaamheid en complexiteit van een geur samenhingen met de gekozen toonhoogte. Dat ondersteunt precies het idee van een tussenliggende gevoels- of kwaliteitsdimensie, in plaats van een directe verbinding tussen een specifieke geur en een specifieke muzikale noot. Crisinel en Spence onderzochten waardoor die koppeling met toonhoogte werd bepaald. Vooral twee eigenschappen van de geur speelden een rol: aangenaamheid en complexiteit. De intensiteit van de geur bleek daarentegen geen belangrijke voorspeller van de gekozen toonhoogte.

Hun interpretatie was daarom dat geur en muziek waarschijnlijk kunnen corresponderen via gedeelde psychologische of perceptuele dimensies. Mensen koppelen dus niet noodzakelijk een bepaalde chemische geur rechtstreeks aan een bepaalde muzikale noot; ze kunnen beide bijvoorbeeld als licht, zwaar, aangenaam of complex ervaren en ze op grond daarvan met elkaar verbinden.

Een mooi experiment uit 20132 gebruikte zeven geuren. Daar kwam bijvoorbeeld uit dat gekonfijte sinaasappel muzikaal associeerde met relatief hoge toonhoogte. Voor de geur van de iris bloem geldt hetzelfde. Musk (warme, zachte, dierlijke en licht zoetige geur oorspronkelijk van de muskushert, nu synthetisch) en gebrande koffie wordt geassocieerd met een lage toonhoogte.

Vooral het onderliggende affect bleek belangrijk. Geuren die als aangenaam, zoet en vrolijk werden beoordeeld, werden vaker gekoppeld aan hogere tonen. Donkerder of minder zoet ervaren geuren kwamen lager terecht.

Nog opmerkelijker is dat het niet alleen om associatie gaat. Muziek kan de waarneming van een geur beïnvloeden. Experimenteel onderzoek laat zien dat auditieve informatie mede kan bepalen hoe mensen de kwaliteit en aangenaamheid van een geur beoordelen. Seo & Hummel3 toonden aan dat geluid daadwerkelijk invloed kan hebben op hoe een geur wordt ervaren: een geur werd als aangenamer beoordeeld wanneer het begeleidende geluid er gevoelsmatig bij paste. Een aangenaam geluid maakte bovendien de geur zelf gemiddeld aangenamer.

Er is ook bewijs dat emotie de brug vormt. In The Smell of Jazz4 onderzochten Levitan en collega’s combinaties van muziek en geuren. Hoe sterker de emotionele betekenis van de muziek overeenkwam met die van de geur, hoe beter proefpersonen vonden dat beide bij elkaar pasten. Een model gebaseerd op emotionele dimensies kon een belangrijk deel van de beoordelingen voorspellen. De auteurs zien dit als bewijs voor emotionele mediatie van de relatie tussen muziek en geur.

En juist dit jaar5 verscheen een grote nieuwe overzichtsstudie van Spence en collega’s over het daadwerkelijk “vertalen” van parfum in muziek. De conclusie van Spence et c.s. is dat er inmiddels voldoende empirisch bewijs bestaat om muziek niet louter intuïtief, maar systematisch aan geuren en parfums te koppelen. Tegelijk waarschuwen de auteurs dat een parfum niet simpelweg één-op-één in muziek kan worden vertaald.

Spencer en c.s. laten zien dat geur-klankcorrespondenties reëel en redelijk consistent. zijn. Geureigenschappen blijken samen te hangen met muzikale eigenschappen als toonhoogte, timbre, helderheid, ruwheid, luidheid, tempo en instrumentatie. Zo worden frisse, fruitige en lichte geuren doorgaans met hogere tonen verbonden en zwaardere, donkere geuren eerder met lagere tonen.

Die verbanden verlopen waarschijnlijk via verschillende niveaus. Soms gaat het om relatief basale perceptuele eigenschappen zoals hoog–laag, helder–donker of ruw–glad. Maar ook semantische eigenschappen spelen een belangrijke rol: beide zintuigen kunnen iets als fris, warm, scherp, rijk, licht, zoet of complex ervaren.

Daarnaast kan emotie als brug functioneren. Muziek en geur kunnen bij elkaar passen omdat ze een vergelijkbare stemming of gevoelskwaliteit oproepen. De auteurs adviseren daarom bij het ontwerpen van muziek voor parfum perceptuele, semantische én affectieve overeenkomsten te combineren.

Een compleet parfum is veel moeilijker muzikaal weer te geven dan één afzonderlijke geur. Een commercieel parfum bestaat uit top-, hart- en basisnoten die na verloop van tijd anders naar voren komen. Er is daardoor niet noodzakelijk één toonhoogte, instrument of muzikaal motief dat het hele parfum adequaat representeert.

Aangenaamheid en intensiteit zijn bij parfums minder bruikbaar als onderscheidende dimensies. Vrijwel alle commerciële parfums zijn immers ontworpen om aangenaam en voldoende intens te ruiken; verschillen daarin zijn bovendien sterk persoonsgebonden.

Alles overziend bestaat er dus geen wetenschappelijk geur-toonwoordenboek waarin bijvoorbeeld de geur van een irisbloem wordt geassocieerd met A-groot of de geur van musk met e-klein. De verbanden zijn overwegend relatief, niet absoluut. Een geur kan hoger, helderder of warmer klinken ten opzichte van een andere geur.

De wetenschappelijke literatuur wijst niet op vaste biologische verbindingen tussen specifieke geuren en specifieke muzikale tonen, maar op gedeelde perceptuele, semantische en emotionele dimensies waardoor geur en muziek systematisch met elkaar kunnen corresponderen.

De wetenschap tekent geen eenvoudig woordenboek waarin iedere geur haar vaste muzikale tegenhanger heeft. De verwantschap tussen geur en muziek ontstaat subtieler. Beide kunnen iets lichts of donkers, warms of scherps, zachts of dreigends oproepen. Beide kunnen dezelfde emotionele kleur aannemen. Juist in die gedeelde wereld van waarneming, betekenis en gevoel vinden geur en muziek elkaar. Niet via een rechtstreeks biologisch lijntje, maar langs een keten van associaties waarin klank een stemming oproept, die stemming een zintuiglijke kwaliteit krijgt en die kwaliteit ten slotte naar een geur kan verwijzen.

„Wo die Sprache aufhört, fängt die Musik an.“ schreef de schrijver en componist E.T.A. Hoffmann. Waar woorden tekortschieten om een affect of zintuiglijke ervaring te beschrijven, kan muziek die ervaring alsnog oproepen. Geuren zijn ook lastig te beschrijven. Misschien kan muziek ook daarbij helpen.

1. Crisinel, A.-S., & Spence, C. (2012). “A Fruity Note: Crossmodal Associations between Odors and Musical Notes.” Chemical Senses, 37(2), 151–158. DOI: 10.1093/chemse/bjr085.

2.Anne-Sylvie Crisinel, Caroline Jacquier, Ophelia Deroy & Charles Spence, “Composing with Cross-modal Correspondences: Music and Odors in Concert,” Chemosensory Perception 6, nr. 1 (2013), 45–52, https://doi.org/10.1007/s12078-012-9138-4

3. Han-Seok Seo , Thomas Hummel –Olfactory Integration: Congruent or Pleasant Sounds Amplify Odor Pleasantness, Senses, Volume 36, Issue 3, March 2011, Pages 301–309, https://doi.org/10.1093/chemse/bjq129

4. Carmel A. Levitan, Sara A. Charney, Karen B. Schloss & Stephen E. Palmer, “The Smell of Jazz: Crossmodal Correspondences Between Music, Odor, and Emotion,” Proceedings of the 37th Annual Meeting of the Cognitive Science Society (2015), 1326–1331.

5. Charles Spence, Nicola Di Stefano, Felipe Reinoso-Carvalho, Bruno Mesz & Asterios Zacharakis, “‘Play the Fragrance’: Designing Musical Soundscapes to Match Fragrances Based on Olfactory-Auditory Crossmodal Correspondences,” i-Perception 17, nr. 1 (2026), 1–33, https://doi.org/10.1177/20416695251409265

Read the original on boekestijngeopolitics.substack.com

Comments

Nothing yet. Say the first thing.

    Sign in to join the conversation.