Geachte beleggers,
Zondagavond kwam het nieuws naar buiten dat de vredesgesprekken tussen Iran en de Verenigde Staten “goede progressie” laten zien. De overeenkomst schijnt steeds meer vorm te krijgen en zelfs een onvoorwaardelijke heropening van de Straat van Hormuz zou nu tot de mogelijkheden behoren.
Als gevolg daarvan is de olieprijs vandaag enkele procenten gedaald en ruim onder de 100 dollar gedoken. De beurzen in Azië en Europa zijn met groene cijfers geopend en ook de Amerikaanse futures laten flinke stijgingen zien.
Toch is het zaak om niet te vroeg te juichen. We hebben dit verhaal immers vaker gehoord. Toen de oorlog begon zou het slechts een paar weken duren. Nu zijn we al enkele maanden onderweg.
Maar de druk om een vredesakkoord te bereiken neemt wel toe, want volgens experts beginnen de wereldwijde oliereserves kritieke niveaus te bereiken. Voor Europa zou er nog een paar weken aan olie zijn, terwijl de VS nog tot juli heeft.
Wat ik daarmee wil zeggen is dat we langzaam richting een punt bewegen waarop een akkoord tussen Iran en de VS ook echt belangrijk is voor de wereldeconomie. Het moet allemaal niet veel langer duren.
In het verlengde van de Iran-oorlog zien we een ontwikkeling die mogelijk nog grotere gevolgen heeft voor de financiële markten. Terwijl Kevin Warsh het stokje overneemt van Jerome Powell als voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, beginnen steeds meer leden van de centrale bank voor renteverhogingen te pleiten.
Een opvallende stem in die verandering is bijvoorbeeld Christopher Waller, die vorige week in een toespraak stelde dat de inflatie “niet in de juiste richting beweegt.”
Als gevolg daarvan kan hij eventuele renteverhogingen niet langer uitsluiten als volgende stap voor de Amerikaanse centrale bank. Dat is een significante uitspraak, omdat hij niet lang geleden nog tot het kamp behoorde dat renteverlagingen propageerde.
Hij is daarin niet de enige binnen de Amerikaanse centrale bank, en als gevolg daarvan beginnen de rentes op de obligatiemarkten behoorlijk te stijgen. De 30-jaarsrente op Amerikaanse staatsleningen is boven de 5 procent gekomen en staat op het hoogste niveau in bijna 20 jaar.
Op de futuresmarkt rekenen beleggers inmiddels ook op één renteverhoging voor het einde van 2026.
Als gevolg van alle schermutselingen zien we de MOVE-index voorzichtig stijgen na het bereiken van een meerjarige bodem in januari. De MOVE-index meet de verwachte beweeglijkheid op de Amerikaanse obligatiemarkt. Als die index stijgt, betekent dit dat beleggers meer onzekerheid verwachten over de rentes en de prijzen van Amerikaanse staatsleningen.
Dat is belangrijk, omdat Amerikaanse staatsleningen het belangrijkste onderpand van het financiële systeem vormen. Banken, fondsen en andere grote partijen gebruiken Treasuries om geld te lenen en posities te financieren.
Als de obligatiemarkt onrustiger wordt, daalt de betrouwbaarheid van dat onderpand. Niet per se omdat Amerikaanse staatsleningen ineens “slecht” zijn, maar omdat de waarde ervan harder op en neer beweegt. Daardoor willen partijen minder lenen tegen dat onderpand, of eisen ze meer zekerheid.
Het gevolg is dat er minder krediet door het systeem stroomt. De financiële voorwaarden worden strenger, liquiditeit droogt op en beleggers worden voorzichtiger.
Dat is slecht voor aandelen, bitcoin en andere risicobeleggingen, omdat die juist profiteren van ruime liquiditeit, goedkoop krediet en vertrouwen. Een stijgende MOVE-index is daarom vaak een signaal dat de markt minder ruimte heeft om risico te nemen.
Het bijzondere aan de huidige situatie is dat de aandelenmarkten geen boodschap hebben aan het stijgen van de inflatie en de rentes. De Amerikaanse S&P 500 en Nasdaq staan ‘gewoon’ op all-time highs.
De markt kijkt dus volledig door de energieschok heen, verwacht een snelle heropening van de Straat van Hormuz en zet volledig in op de AI-revolutie.
Wie naar deze grafiek van de Amerikaanse techbeurs (Nasdaq) kijkt, zou niet zeggen dat op de achtergrond misschien wel de grootste energiecrisis ooit gaande is.
Toch zitten we duidelijk in een fase waarin de markt weinig tot geen boodschap heeft aan slecht nieuws.
Onder de oppervlakte van de beursindices, die vooral worden geleid door AI-aandelen, zien we namelijk een economie die voorzichtig begint te haperen en een potentiële nieuwe inflatiegolf.
Juist die combinatie is lastig. Normaal gesproken kunnen centrale banken te hulp schieten als de economische groei in bepaalde delen van de economie afremt. Nu springt tegelijkertijd de inflatie omhoog, waardoor er geen ruimte is voor renteverlagingen en andere vormen van steun.
Sterker nog, we zien nu steeds meer centrale bankiers speculeren over renteverhogingen. Het zou mij echter verbazen als die er komen in de Verenigde Staten. Ook van de Europese Centrale Bank zou het naar mijn mening een fout zijn om nu renteverhogingen door te voeren.
Mijn verwachting is dat de Amerikaanse centrale bank een afwachtende houding zal aannemen. In de hoop dat de Iran-oorlog snel voorbij is, de Straat van Hormuz heropent en het inflatieprobleem zichzelf met het verstrijken van de tijd weer oplost.
Nu de rentes verhogen zou de economie de nek om kunnen draaien. Dat vormt een gigantisch gevaar, omdat een recessie hoogstwaarschijnlijk het verliezen van de AI-wapenwedloop zou betekenen. Dat kunnen China en de Verenigde Staten zich allebei niet veroorloven.
Dat de economie vooral wordt gedragen door AI-aandelen zien we ook terug in de onderstaande grafiek. Vorige week viel het percentage van S&P 500-aandelen dat boven zijn 20-daagse gemiddelde handelt terug tot 33 procent.
De AI-economie houdt de grote beursindices voorlopig op recordhoogtes, maar onder de motorkap heeft een groot deel van de economie duidelijk moeite met de combinatie van hogere inflatie en oplopende rentes.
Relatief weinig aandelen bevinden zich op korte termijn in een stijgende trend, terwijl de S&P 500 als geheel juist rond recordniveaus noteert.
Op basis van de hogere inflatie en stijgende rentes zou de Amerikaanse centrale bank in theorie kunnen ingrijpen. Toch vermoed ik dat het vooral bij stevige taal blijft. De Fed hoopt waarschijnlijk dat woorden alleen al voldoende zijn om de markten af te koelen.
Door in toespraken te roepen dat renteverhogingen op tafel liggen, kan de centrale bank de financiële markten beïnvloeden zonder daadwerkelijk in actie te komen. Het lijkt mij namelijk onwaarschijnlijk dat de Fed het aandurft om deze gespleten economie echt met nieuwe renteverhogingen te confronteren.
De AI-economie kan zo’n klap waarschijnlijk nog wel opvangen. Maar voor het zwakkere deel van de economie kunnen hogere rentes net de druppel zijn waardoor het door zijn hoeven zakt.
Niet voor niets zien we bij consumenten-aandelen zoals Nike en Lululemon enorme koersverliezen de afgelopen maanden. De consument heeft wel degelijk last van het huidige macro-economische klimaat. Dat maakt het voor de Amerikaanse centrale bank een stuk lastiger om in te grijpen op de inflatie.
Dit was het weer voor vandaag. Wederom veel dank voor het lezen en alle leuke reacties die ik altijd mag ontvangen. Vond je het interessant? Laat dan een like achter, dat helpt mij enorm.
Verder wens ik jullie een fijne week! Voor wie dagelijks mee wil kijken naar de markten en macro-updates, ben ik ook te volgen op Twitter.
Groetjes,
Thom
Disclaimer: Mijn verhalen zijn bedoeld ter vermaak en niet als beleggingsadvies. Het volgen van mijn handelingen is volledig op eigen risico.

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.