Welkom, goed dat je weer Mediakompas leest.
Eigenlijk was vorige week de laatste. Editie 41 zou de afsluiter van het seizoen zijn, maar ik hield nog een kleine opening als er wat tussen kwam. En dat kwam.
Mijn stuk over de AI-presentator van RTV Oost sloeg aan. De LinkedIn-post werd zo’n 15.000 keer gelezen en er kwamen veel reacties op. Had ik kunnen zien aankomen. Bijval, tegenspraak, twijfel. Begrijpelijke reacties.
Twee reacties licht ik er even uit. De eerste van Hendrik van Zwol. AI-expert, spreker, filmmaker, en iemand die ik nu ongeveer een jaar volg vanuit mijn rol als Product Owner AI bij de EO. Overal waar het over generatieve AI gaat, vooral video, is Hendrik iemand die je in de gaten moet houden. Er verschijnt eigenlijk altijd een lach op mijn gezicht als ik zijn werk zie. Ik dacht: met deze man wil ik eens langer doorpraten. Dus dat deden we.
De tweede reactie was kritischer, en die nam ik mee in het gesprek met Hendrik.
De komende weken breng ik via deze nieuwsbrief en via LinkedIn een ‘playbook’ uit. Leek mij een hippe term. Het bestaat uit de rode lijn en mijn leerpunten uit 42 edities van deze nieuwsbrief, over de koers die media op lijkt te gaan, over AI, over vernieuwende journalistiek en communitydenken.
Nog één ding voor we verder gaan. Mediakompas zit inmiddels op bijna 500 abonnees. Voor een nieuwsbrief die ik naast mijn werk -voor nop- maak, vind ik dat best wat. En ik zou graag meer mensen willen bereiken. Daarom een kleine deelactie. Nodig twee (of meer) collega’s uit van wie jij denkt: die zou dit ook moeten lezen. De kans is groot dat er dan eentje abonneert. Beginnen we na de vakantie op 1000. Lijkt mij leuk! Delen kan via de knop hieronder.
Deze week gaat het over die tweede reactie. Een journalist las mijn vorige nieuwsbrief en zag een machine aan het werk. Dat soort reacties raken mij toch altijd. Ik weet hoeveel tijd het mij iedere week kost: zo’n 5 uur per nieuwsbrief. Ik leg het naast een lang, maar leuk gesprek met Hendrik van Zwol, die vrijwel net zo werkt als ik. Over wie een tekst nog maakt, over wanneer AI een versneller is en wanneer een vervanger, en over wat er van een maker overblijft als de techniek alles sneller doet. Als afsluiter van het seizoen.
Fijne zomer en goed dat je geabonneerd bent!
Onder mijn post over de AI-presentator van RTV Oost verscheen een vraag van Frederike Geerdink, journalist. In hoeverre ik AI had gebruikt bij het schrijven, wilde ze weten. Ze vroeg het, schreef ze, vanwege die ene formulering: “En eerlijk?” Volgens haar een rode vlag-formulering. Een teken dat er een machine aan het werk was geweest.
Opvallend. Want “En eerlijk?” is van mij. Ik gebruik het al edities lang. Het is een van die kleine zinnetjes waarmee ik zeg: nu even zonder gekkigheid.
Het is een probleem dat groter is dan mijn nieuwsbrief. We zijn massaal op zoek gegaan naar de tekenen die een machine verraden. Een bepaald streepje, de em-dash. Een bepaald ritme. Een bepaald woord. En ondertussen flaggen we de mens.
Laat ik uitleggen hoe het echt werkt. Ik genereer geen artikel. Ik spreek mijn hele stuk in, tien tot vijftien minuten lang, en laat het daarna ordenen met Claude. Ik heb er een heel project in zitten. Alle edities, mijn toon, alles wat ik ooit schreef. Soms vraag ik iets terug wat ik zelf kwijt ben. Heb ik dat community-model niet al eens aangehaald in editie 20? Het komt er zo weer uit. Het is een tweede geheugen. Een versneller. Waarom zou ik het nog op een typemachine doen?
Vervolgens ga ik weer bijschrijven, schrappen, toch weer terug halen, twijfelen. En weer schrijven.
Ik legde de journalist uit dat het voor honderd procent mijn eigen verhaal is, en dat ik daar niets over te verbergen heb. Ik verwees haar naar mijn About-pagina, waar ik precies beschrijf hoe ik werk. Ze reageerde dat ze vreesde dat die uitleg dan ook wel door AI geschreven zou zijn, en dat ze daar niet toe wilde uitnodigen.
Daarmee was het gesprek gesloten voordat het begon. Vorige week ging mijn eigen stuk over geloofwaardigheid. Ik schreef dat je die opbouwt over jaren en kwijtraakt in één beslissing. Als dat klopt, dan hoort openheid over mijn werkwijze er gewoon bij.
Het effect op het milieu werd ook ingebracht. Enorme hoeveelheden water en energie, schreef ze, voor iets generieks. En dan die afsluiter: dat is het niet waard, een journalist schrijft zelf.
AI-expert Hendrik van Zwol kent dat type kritiek ook. Wanneer hij iets met AI maakt, gaat het regelmatig over energie, of over auteursrecht, over beeld dat gejat zou zijn. “Die discussie win je nooit,” zei hij tegen me. Wie vindt dat jouw werk te veel stroom kost, laat zich niet ompraten met een tegenargument. Het gaat dan niet meer over het werk. Het gaat over een principe. En een principe verlies je nooit vriendelijk.
De kosten zijn echt, dat wil ik niet klein praten. Een prompt is niet gratis, en de datacenters draaien ergens, ook in Nederland. Maar de rekening wordt selectief gepresenteerd. Twee uur Videoland streamen, de hele dag appen, jaren lang Google aan het werk gezet: het telt allemaal op, en toch valt het woord energie zelden op die momenten. Het valt precies dan, als iemand iets heeft gemaakt met een tool die hij wantrouwt.
Een verwijt dat elk antwoord bij voorbaat als verdacht bestempelt, is niet te beantwoorden. Precies wat Hendrik bedoelt. Je kunt uitleggen wat je wilt, maar als de uitleg zelf al bewijs van schuld is, dan sta je met lege handen. Dat is geen gesprek meer. Dat is een oordeel dat op zoek is naar bevestiging.
Blijft die ene zin: “een journalist schrijft zelf.” Want waar ligt de grens? Schrijft de journalist die zijn stuk inspreekt en laat uittypen nog zelf? Is het oké om de spellingscontrole in Word te gebruiken? Als afgestudeerd journalist kun je toch foutloos schrijven? Ergens op die lijn hebben we met elkaar besloten dat het ene hulpmiddel eerlijk is en het andere vals. Die grens verschuift, en hij verschuift nu snel.
Hendrik noemt zichzelf van huis uit geen sterke schrijver. Hij denkt in beelden. En juist het gereedschap dat Frederike wantrouwt, geeft mensen zoals hij, maar zeker ook mezelf, een stem. De beelddenker. De vakman die anders afhaakt op een spelfout. Een jaar geleden kreeg zo iemand nog te horen dat hij beter kon stoppen, te veel stijlfouten. Nu komt hij alsnog binnen, met een verhaal dat er altijd al was.
Ik herkende dat goed. Toen ik ooit bij Kassa begon, werd een collega doodmoe van mijn kromme zinnen en ik was veel te lang van stof. Ik heb meestal wel een goed verhaal, alleen zitten er te veel dingen tegelijk in mijn hoofd. Ik heb iets nodig dat ordent. Vroeger was dat een geduldige eindredacteur. Nu zijn dat Plaud en Claude.
Wat ik wél volg, is de angst eronder. Dat we straks verzuipen in gladde, zielloze teksten die door niemand echt zijn bedacht. Die angst deel ik. Ik schreef er zelf over, in een column voor het ondernemersblad van de EO, nadat LinkedIn volstroomde met AI-posters waarop de hovenier dezelfde afbeelding had als de kapper, en de kapper dezelfde als het IT-bedrijf. Allemaal glad, allemaal leeg. Allemaal dezelfde saus eroverheen. Maar dat verwijt hoort bij de luie maker. Het gereedschap maakt de leegte niet, dat doe je zelf.
Wie is Hendrik van Zwol?
Hendrik van Zwol is AI-expert, spreker, filmmaker en schrijver, met zo’n 22.500 volgers op LinkedIn. Hij gaf ruim 320 lezingen en trainingen, en werkt vanuit een achtergrond in marketing, creatie en IT. Zijn aanpak vat hij samen als de mens-machine-mens-methode: de mens bepaalt de richting, de machine versnelt, de mens beslist. Hij is vaste AI-expert in Jekels Jacht op NPO 2 en bekend van Eva Jinek en RTL. Zijn boek Creativiteit Opnieuw Uitgevonden haalde de longlist van Managementboek van het Jaar 2026. Dit najaar verschijnt zijn nieuwe boek, Missie AI. Het mooiste: we zijn beide Fries.
Hendrik en ik komen allebei uit Friesland. We schelen een jaar. En we groeiden op met precies dezelfde spullen.
De Nintendo waar mijn broer jaren voor spaarde; 300 gulden. Het oranje pistool van Duck Hunt, waarmee ik op een avond mijn ouders op de bank zag schieten. Teletekst. De fax, waarvan ik als kind niet snapte hoe diezelfde brief er aan de andere kant weer uit kon komen.
Nostalgisch, maar ik bedoel iets anders. Het gereedschap veranderde altijd al. Van typemachine naar computer, van tekstverwerker naar spellingscontrole, en nu naar dit. En telkens schoof het vakmanschap een niveau op. Wat saai en herhalend was, ging weg. Wat een keuze vroeg, bleef.
Hendrik ziet ook een tegenbeweging. Hij vertelde over een podcast die halverwege overschakelde op AI-stemmen. Inhoudelijk klopte alles, en toch voelde hij dat er iets weg was. Een koffiekopje op de achtergrond, een lach op het verkeerde moment. Iets kleins en echts. Hij wees op onderzoek waaruit blijkt dat jongeren juist afhaken zodra ze doorhebben dat er AI in het nieuws zit. Terwijl een andere generatie opgroeit die bijna niets meer zonder doet.
“Die camera bepaalt niet of een foto goed is,” zei Hendrik. “Dat zit in het hoofd van de fotograaf.” Zo is het met alles wat we maken. De machine neemt de 25 varianten over die vroeger een middag kostten. De smaak, het idee, de keuze wat blijft, dat is mensenwerk. Hoe sneller AI gaat, hoe belangrijker de mens wordt, is zijn missie in één zin. Hij noemt het creativiteit terugwinnen. Zijn boek heet dan ook Creativiteit Opnieuw Uitgevonden.
In de reacties op LinkedIn las ik het woord zielloos. Wie wil er nou zielloosheid, schreef ze. We gaan eraan kapot. En op dat laatste zijn we het eens. De ziel is precies het punt. Alleen zit die niet in de vraag of ik een tool heb aangeraakt, het zit in de vraag of je mij er nog in hoort. De Fries die te lang van stof is. De man met te veel gedachten tegelijk. Die zit in elke zin, ook in deze.
En eerlijk? Die twee woorden haal ik er niet uit.
Dat was seizoen één. De komende weken deel ik het playbook. En na de zomer schuif deel twee met Hendrik, met de vraag die veel van jullie op dat strandbedje bezighoudt. Ben je nog op tijd?
Van wie is de kennis die AI uit je haalt? Ik begrijp er niks van: hij heeft maar 11 abonnees op Substack, maar schrijft echt goede artikelen. RTV Noord-collega Jaap Elzes, Digital Media Strategist met focus op AI. In zijn nieuwsbrief schrijft hij deze week over de kennisbank die ze bij het AI-Lab van RTV Noord bouwen, ik verdiep mij er zelf ook in, zodat hun eigen AI-toepassingen antwoorden geven die kloppen met hoe het bij hen werkt. Hoe verder ze komen, schrijft Elzes, hoe vaker één vraag terugkomt. Als de organisatie slimmer wordt van de kennis van medewerkers, wie beschermt dan de medewerker? Zover had ik zelf nog niet gedacht.
Hij legt de juridische kant scherp uit. Je ervaring is van jou, die draag je mee naar je volgende baan. Maar zodra diezelfde kennis in een database staat, ontstaat er een databankenrecht, en dat ligt bij de organisatie die de investering droeg. Kennis die los in je hoofd van niemand was, wordt geordend ineens bezit van de zaak.
Ik gebruik zelf een tweede geheugen, zoals je hierboven las. Wat mijn assistent slimmer maakt, kan op de schaal van een hele omroep het voordeel verschuiven van de maker naar het instituut. En juist bij de publieke omroep zit het waardevolste vakmanschap in de hoofden van mensen, nergens opgeschreven. Dit is het gesprek dat elke redactie moet voeren voordat die kennisbank er staat.Van nul tot Substack-expert in vier video’s Deze week kwamen er flink wat abonnees bij, via De Boardroom. Mediakompas wordt door hen ge-endorsed, en dat merk ik. Dus: hallo aan alle nieuwe lezers. De Boardroom is de talkshow over creativity, marketing en digital van presentator Ronald ter Voert en sidekick Bert Hagendoorn. Het idee erachter: mensen uit verschillende sectoren informeren, inspireren en met elkaar verbinden. “Er wordt veel gesproken óver elkaar, maar relatief weinig mét elkaar,” schrijft hij. En passend bij mijn deelactie hierboven, ze publiceerden deze week een serie van vier video’s, Van nul tot Substack-expert. Van je allereerste profiel tot verdienen aan je content. Wat is Substack en hoe begin je, hoe zet je je publicatie op, welke slimme features helpen je verder, en wanneer begin je met betaalde abonnees. In de derde sessie delen ze een misser die hun 200 volgers in één dag kostte, zodat jij die niet maakt. Denk je erover om zelf te beginnen? Dan is dit een goede plek om te starten.
Waarom je wegzapt zodra het "saai" wordt. Victor Vlam, mediacommentator, amerikanist en communicatie-expert, is een man die steeds meer zendtijd begint te krijgen. Bij de NPO, Vandaag Inside, Oranje Zondag, podcasts. Vaak interessant, soms onnodig hard. Wat duidelijk is: hij durft te zeggen wat anderen soms niet durven. Daarnaast zie ik ook steeds vaker iets van De Nieuwe Wereld voorbijkomen, niet raar met inmiddels 150.000 abonnees op YouTube. Bij presentator Talitha Muuse ontleedt Victor het Nederlandse talkshowlandschap. Aan de hand van de welbekende minutengrafiek laat hij zien wat wel en niet werkt. Een reclameblok kost meteen een kwart tot een derde van de kijkers. Het einde van een populair programma op een andere zender levert juist een piek op. En een diep dal, bijvoorbeeld tijdens een gesprek over Henri Bontenbal, laat zien dat mensen wegzappen zodra een onderwerp als saai wordt ervaren. Die data bepalen mede welke gasten worden teruggevraagd, vertelt hij. Ik herken dat van de plekken waar ik gewerkt heb. Bij de NPO, bij RTL. Vandaar dat academici en veel politici als saai gelden, terwijl journalisten en BN’ers domineren omdat zij een onderwerp smeuïg kunnen vertellen. De succesvolle gast speelt vaak een personage, van Alexander Klöpping met zijn laptop tot boswachter Arjan Postma met zijn tv-hoed. Voor mij precies waarom kijkcijfers niet het hele verhaal vertellen. Ze meten wie er bleef zitten, niet wie er iets aan overhield. En als de grafiek bepaalt wie er terugkomt, dan stuurt de meting uiteindelijk de inhoud.
Volgende nieuwsbrief = playbook
Heb je dit bericht tot het einde gelezen? Ik zou het leuk vinden als je dit een like wilt geven. Reageren? Dat kan hieronder of reply direct via e-mail, vind ik leuk.
Ken je iemand voor wie deze nieuwsbrief interessant is? Stuur hem door.

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.