Al meer dan dertig jaar brengt Aline Thomassen (1964) de ene helft van het jaar door in Nederland, de andere helft in Marokko, vaak samen met haar Spaanse geliefde en hun kinderen. Op een willekeurige avond met familie en vrienden kun je haar minstens vier talen door elkaar horen spreken aan de eettafel. Het geeft blijk van haar grote vermogen om zich te verplaatsen in andere culturen en menselijke ervaringen. Oprechte connectie is wat ze hoopt te verwezenlijken. En als je voor haar indringende schilderijen staat, zie je meteen dat ze daar heel goed in is. De vrouwen op haar soms metershoge aquarellen kijken je recht aan, terwijl ze hun innerlijke wereld aan je blootgeven. Letterlijk en figuurlijk: je ziet niet alleen hun aderen en ingewanden, maar vaak ook hun gevoelens en herinneringen. Als je heel goed zoekt, zie je Thomassen er ook tussen zitten.
Haar onvergetelijke werk is bekroond met de Jeanne Oosting Prijs (2013) en de Ouborg Prijs (2024), en is deze zomer te zien in het Bonnefanten in Maastricht, samen met dat van Keetje Mans en Tanja Ritterbex in de driedubbele tentoonstelling Bitches Brew.
Aline, neem ons even mee naar de plek waar het allemaal begint, je studio. Wat is je favoriete object hier?
Mijn atelier in Nederland is best wel een rauwe plek: overal verfvlekken, pigmentstof, honderden tubetjes aquarelverf, werken en papier. Met mooie grote ramen en veel licht. Verder is er niet veel. Ik wil alle vrijheid bewaren om op te roepen wat er op dit moment belangrijk is. Als ik werk, doe ik dat vanuit mijn reservoir aan herinneringen. Daar worden namelijk alle indrukken gefilterd op het belang voor je gevoelsleven. Soms neem ik iets mee van buiten wat mij inspireert; nu is dat een gedroogde plant die ik net uit Marokko heb meegenomen. Het is een plant die een magische betekenis heeft, maar daar heb ik nog niet verder naar gevraagd. Ik wil zelf op zoek naar die betekenis door naar de plant te kijken: de droge, naar binnen gekeerde takjes die de zaadjes binnenin beschermen. Ik heb natuurlijk nog een tweede atelier, in Marokko. Dat kijkt uit op andere huizen in de medina en de oceaan. Door een stuk open dak zie ik de lucht. Ik werk daar zittend op een rieten matje op de tegelvloer. Ook dat atelier is vrij leeg, maar ik ben dol op de menselijke geluiden die van alle kanten doordringen. Er is geen verkeer in de oude medina, dus er zijn geen mechanische geluiden te horen, maar er is wel een grote rijkdom aan geluiden van het leven: stemmen van kinderen, vrouwen, roepende mannen.

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.