Indien de geschiedenis van onze beschaving start bij die eerste veeg vingerverf in Lascaux… eindigt onze geschiedenis dan ook wanneer we niet langer ons dagelijks leven documenteren op papier of op andere informatiedragers die de tand des tijds overleven?
De ongeziene rekenkracht van datacenters, applicaties op onze smartphones, het internet of things, onze online verrichtingen en data in de cloud hebben het aantal afgedrukte documenten tot een fractie herleid.
In 2006 bedroeg het totale A4-verbruik in de EU nog zo’n 20 miljoen ton per jaar. Informatie die moest worden bewaard voor het nageslacht, voor de politierechtbank of fiscus, die werd reflexmatig afgedrukt, geperforeerd en in ringmappen gearchiveerd. De voorbije 20 jaar is de verkoop van A4-papier (inclusief ringmappen, nietjes, schutbladen en perforatoren) gekelderd naar 10 miljoen ton vandaag. Hetzelfde geldt voor printers, scanners, faxmachines, enveloppes en postzegels.
Tegelijk genereert iedere burger, ieder bedrijf, ziekenhuispatiënt, belastingbetaler, digitale meter of gechipte raskat meer data dan ooit tevoren. Zowat al onze data wordt bewaard, gelogd en gemijnd. Iedere autorit, iedere tweet, ieder doktersvoorschrift, blogpost, transactie of zoekterm wordt gecapteerd en bewaard op servers waarvan we de veiligheidsprotocollen of eigenaars niet kennen.
Zowel processoren als harde schijven zijn goedkoper dan ooit tevoren en de kostprijs van storage en rekenkracht blijft dalen. Particulieren, bedrijven en overheden beschikken vandaag over 30x meer hardeschijf-capaciteit dan 20 jaar geleden. De storage in datacenters bedraagt inmiddels naar schatting een 300-voud van weleer.
Wie zich in 1992 een computer met 64MB aan RAM-geheugen en een Intel 486 DX2/66 processor kon veroorloven, die had een pittig rekentuig in huis. Die stoere DX2/66 van weleer was in staat tot wel 5 miljoen FLOPS. (Floating Point Operations Per Second). Die rekenkracht verbleekt bij de processor die we sinds 2022 in een Iphone14 aantreffen. Die Iphone14 klokt zo maar even 2 TFLOPS ofwel 2.000.000 MFLOPS en is daarmee 400.000x krachtiger dan de DX2/66 van weleer.
In dit hoog-gedigitaliseerde tijdperk drukken we nog nauwelijks iets op papier. We duwen niet langer spijkervormige patronen in kleitabletten. We stapelen geen zandstenen blokken tot een piramide en rotsschilderingen van jachttaferelen maken we al helemaal niet meer. Googlen doen we ook nog nauwelijks. Sinds kort stellen we onze meest intieme vragen aan een antropomorf chattende AI.
In 1972 werd de draagraket Pioneer 10 de ruimte ingestuurd richting Jupiter. De lancering is om twee redenen betekenisvol. Pioneer 10 was het eerste object dat een dusdanige ontsnappingssnelheid bereikte - door haar katapult-traject langs Jupiter - waarmee het aan de aantrekkingskracht van ons zonnestelsel wist te ontsnappen. In 1998 verliet Pioneer 10 finaal onze heliosfeer, daar waar de zonnewind ophoudt en de interstellaire ruimte begint. De capsule is nu 54 jaar onderweg. Aan boord bevindt zich de ‘Pioneer Plaque’. Een vergulde plaat met daarop een afbeelding van een man en vrouw, de schematische voorstelling van de sonde, de positie van de aarde, de kaart van ons zonnestelsel en wetenschappelijke symbolen als universele ‘taal’. Als een verre, verre beschaving de sonde ooit oppikt, wanneer die fles met dat briefje ooit aanspoelt in de bewoonde wereld, mogen we misschien ooit bezoek verwachten van de eerlijke vinder.
Wanneer en door wie de piramiden van Gizeh werden gebouwd, weten we niet. Temeer omdat ze geen enkele inscriptie, aantekening, verwijzing of geschreven taal bevatten. Pas recent komen we erachter dat de piramide zélf, haar precieze verhoudingen en geolocatie, dé boodschap is die de bouwers ons wilden nalaten. Wie de piramide van Gizeh heeft gebouwd, wilde daarmee duizenden of tienduizenden jaren na datum, het bewijs leveren van een diepe kennis. In de piramide vinden we de wetenschappelijke kennis terug die wij als mens en beschaving de voorbije 200 jaar hebben herontdekt. De meter, de seconde, de omtrek van de aarde, wiskundige constanten zoals π (pi) en φ (phi), de snelheid van het licht in een vacuüm en onze hedendaagse geolocatie op basis van het 360°-stelsel met minuten en seconden.
Sedert de mens zich voortplant, streeft die ernaar de eigen verwezenlijkingen te bewaren en te documenteren voor het nageslacht. In tegenstelling tot de Pioneer Plaque heeft de piramide van Gizeh niet tot doel om die kennis over grote afstanden te verspreiden, maar wel om kennis diep in de tijd te laten reizen.
Sumerische kleitabletten vertellen ons we hoeveel graan een boer 3300 jaar geleden heeft verhandeld. Of hoeveel bier hij brouwde. Hoe groot zijn schapenkudde was. Daarmee ligt het gebied dat wij sinds de 3e eeuw Iran zijn gaan noemen, aan de wieg van onze beschaving en geschiedenis.
Er bestaat geen twijfel over wie de samenzweerders waren die zich in 44 v. Chr. tegen Julius Caesar keerden en met 23 messteken de macht grepen. Suetonius, Plutarchus, Cassius Dio en later ook Cicero - die enkele samenzweerders persoonlijk kende - schreven lijvige biografieën met daarin de voorbereidingen voor de moordaanslag, de motieven van de daders, de rol die de senatoren speelden en de weerslag op het politieke landschap.
Bijna tweeduizend jaar na de moord op Julius Caesar zijn we ook vandaag nog steeds in staat de moord op J.F. Kennedy in 1963 grotendeels te reconstrueren. Onderzoekers zoals David Talbot, Douglas Horne, John Armstrong of Vince Palamara, deden dat aan de hand van zo’n 5 à 6 miljoen pagina’s aan officiële documenten. Die documenten zijn rapporten, loonlijsten, adresboeken, telexberichten, vluchtschema’s, oorlogsplannen, bankafschriften, veiligheidsmemoranda en brieven die stammen uit een tijd toen de FBI, de CIA, het Witte Huis, het Pentagon, de Secret Service nog bataljons aan typisten aan het werk zetten die aan topsnelheid alles, alles, alles op papier tikten, alles in drievoud klasseerden en waarbij officiële rapporten fysiek werden verdeeld onder de betrokkenen. Tot op vandaag puilen de archiefkasten uit omdat in die tijd - net zoals in het Derde Rijk, zowat alles op papier werd gezet, alles werd bewaard en fysiek gearchiveerd. Van die 6-tal miljoen pagina’s in het JFK-moorddossier kunnen zo’n 5 miljoen pagina’s worden gecatalogeerd als ‘contextueel materiaal’, waardoor slechts 1 miljoen pagina’s écht relevant zijn voor de waarheidsgetrouwe reconstructie. Van die 1 miljoen relevante pagina’s werden om veiligheidsredenen ruim 100.000 pagina’s ontsierd door zwarte balken om de waarheid te verdoezelen. Nog een groter deel werd inhoudelijk bewerkt om de waarheid te herschrijven. En dan zijn er nog de geheime documenten. Naar schatting zo’n 1000-tal dossierstukken die zo gevoelig zijn de NSA die tot op vandaag niet vrijgeeft. Alle censuur en schriftvervalsing ten spijt, zijn onderzoekers erin geslaagd een akelig scherp en betrouwbaar beeld te construeren van de motieven, voorbereidingen, betrokkenen, patsies, medeplichtigen en de cover-up van de moord op president Kennedy, inmiddels 63 jaar geleden.
“Who controls the past controls the future:
who controls the present controls the past.”
- George Orwell, 1984
En ook vandaag - anno 2026 - slaagt iemand als dr. Kees van der Pijl er nog steeds in om een haarscherp beeld te schetsen van de ware krachten achter een 25 jaar oude misdaad en samenzwering. De aanslagen van 11 September 2001. Zijn boek Israel and 9/11 belooft een basiswerk te worden en verschijnt zeer weldra. Naast 50 jaren van academisch onderzoek, staaft Kees van der Pijl zijn bevindingen aan de hand van 855 voetnoten, die telkens weer verwijzen naar gedrukte publicaties, officiële archiefstukken, veiligheidsrapporten of berichten uit de printmedia. Al wordt dat steeds moeilijker. Die tendens is zichtbaar. De aanslagen van 11 september 2001 speelden zich af op een technologisch scharniermoment. In de overgangsperiode waarin vele handgeschreven of geprinte bronnen voor het eerst druppelsgewijs werden ingeruild voor vluchtige e-mailberichten en niet-traceerbare digitale transacties waarvan de authenticiteit steeds moeilijker te achterhalen is. Zijn de aanslagen van september 2001 het laatste gedocumenteerde catastrophic and catalyzing event - like a new Pearl Harbor van onze geschreven geschiedenis?
Door het gebruik van digitale middelen - e-mails, apps, plugins, datacenters, crypto, chatcontrol, digitale identiteiten en toepassingen zoals Itsme - verdwijnt stilaan de fysieke nalatenschap van onze identiteit en van onze aardse verwezenlijkingen.
Wij komen uit een beschaving van tastbare bronnen: kleitabletten, perkament, papyrus en gedrukte archieven. Vanaf de jaren zestig verscheen de pikzwarte viltstift waarmee inlichtingendiensten historische documenten onleesbaar maakten voor toekomstige historiografen. Vandaag zijn we een stap verder gegaan: ons dagelijkse leven, onze communicatie en zelfs onze herinneringen bestaan haast uitsluitend nog digitaal - vluchtig, ontastbaar en ijl, ergens in de nevel van een serverpark.
Met de intrede van Artificiële Intelligentie dreigt die grijze zone stilaan een zwart gat te worden. Binnen enkele decennia zal het wellicht onmogelijk zijn om nog te achterhalen of een tekstfragment uit 2026 geschreven werd door een kabinetsmedewerker, een journalist, een burger, of louter het product was van een hallucinerende AI.
Toekomstige archeologen zullen over duizenden jaren nauwelijks nog tastbare bronnen terugvinden die vertellen hoe wij zongen, vochten, huilden, baden, lachten, werkten en bewonderden. Daarmee staan wij mogelijk aan de vooravond van de donkerste periode sinds het ontstaan van onze beschaving: een tijdperk waarin de mensheid alles registreerde, maar tegelijk niets duurzaam bewaarde. Die schaduwlijn schuift langzaam verder op. Wat overblijft, zal geen ruïne zijn, geen verkoold manuscript, geen verweerde kathedraalsteen, maar een gapende afwezigheid, een koude archeologische leegte.
Hoe digitaler het medium waarop wij onze weldaden en wandaden bewaren, hoe fragieler en onbetrouwbaarder het archiefstuk wordt voor toekomstige generaties. Francis Fukuyama zag in The End of History and the Last Man het mogelijke eindpunt van de grote ideologische strijd, een wereld waarin de liberale democratie als finale maatschappelijke ordening zou overblijven. Maar misschien dient zich vandaag een heel ander einde van de geschiedenis aan - niet het einde van politieke conflicten of ideeën, maar het verdwijnen van de tastbare herinnering zelf. Niet de voltooiing van de geschiedenis, maar de verdamping ervan. Een tijdperk waarin de mensheid meer data produceert dan ooit tevoren, maar er niet in slaagt die tijdbestendig doorheen de eeuwigheid te laten reizen.
Vindt u deze publicatie de moeite waard, deel deze dan gerust op uw favoriete kanalen, re-stack of like. Reageren of ideeën delen kan in de comments.
Disclaimer : deze publicatie is geen financieel advies. De informatie die hier wordt gedeeld, mag niet worden gebruikt als basis voor beleggingsbeslissingen.
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.