RSS Amplifier

De Weekstart · Aug 17, 2026

Bonking: voorkomen is beter dan genezen

0
Sign in to vote or save

Charlotte · De Weekstart

Dag lieve lezer. Vandaag geen gebruikelijke Weekstart maar een gastpublicatie van mijn vriend L. (Luuk voor intimi). L. is een wijze, gezellige man met een uitstekende pen (uitgeverijen slapen echt op hoeveel talent zich onder ons dak bevindt, tsjongejonge (vaste lezers van De Weekstart zijn bekend met het begrip zelfspot)) met hobby’s (fietsen) dus bij hem zijn jullie in goede handen. Tot snel!

Dag lieve lezer,

Soms vraagt Charlotte me om een gastbijdrage te schrijven: als de inspiratie toeslaat, zeg ik ja. De laatste keer dat ik een golf van inspiratie had schreef ik over fietsen. Ook nu ga ik het wéér over fietsen hebben. Iets met never change a winning team?

Ik moet met spijt bekennen dat ik sinds mijn laatste publicatie ook zo’n man ben geworden die de Tour kijkt, zichzelf in lycra wurmt op zonnige zondagen en wiens browsergeschiedenis vol staat met wielsets, groepsets, bandenspanningen, en belachelijk dure fietsen. Op de nodige fiets subreddits die in mijn favorietenlijst staan maakte ik kennis met de (voor mij nieuwe) term: ‘Bonking’.

Bonking: “To reach a point where you have no energy left and feel you cannot continue physical excercise, especially when riding a bicycle or running.” - Cambridge Dictionary

Elke zelfrespecterende, lycradragende, gelletjes-etende, Strava-gebruikende fietser maakt op een zonnige dag in het zadel kennis met bonking of gewoon een keiharde bonk.

Deze week heb ik een verzameling bonks voor jullie, want leedvermaak is ook vermaak. Het zijn willekeurige momenten op willekeurige volgorde, geen top 5. Wie weet voorkom je met mijn ervaringen je eigen bonk.

De eerste echte kennismaking met de bonk die ik me kan herinneren was bij het stadje Herkingen in Zuid-Holland. C. en ik hadden het wilde idee om het Grevelingenmeer rond te fietsen op stadsfietsen die we bij de camping hadden gehuurd. En dat, lieve lezer, was geen goed idee. C. deed al een tijdje aan Rocycle. Mijn niveau: ik had geen fiets meer omdat ik te lui was om die op te halen bij de gemeentestalling.

Het rondje Grevelingenmeer was een kleine 80 kilometer, met een uitstapje naar wijngaard De Kleine Schorre om een paar flessen wijn te halen. Na de eerste dam merkte ik al dat ik wel erg weinig kracht in de benen had. Maar een goeie lunch bij de wijngaard zou dat probleem wel fixen. Niet dus, het moment dat ik de fiets weer opstapte voelde ik dat het goed mis was. De garnalenkroketten waren niet in de benen gaan zitten, maar het glas wijn was absoluut naar m’n hoofd gestegen.

De in wijn gedrenkte overmoed gaf me het gevoel dat ik het wel zou halen. Maar toen de wind op de dijk voor Herkingen van voren kwam, was het definitef gedaan met de pret. Ik kreeg de trappers van de 3-speed Gazelle niet meer in beweging. Wat volgde was een pijnlijk langzame tocht terug naar de blokhut waarin we sliepen.

Het moet een ontzettend grappig gezicht zijn geweest: een dubbelgevouwen man op een fiets op wandeltempo-snelheid, naarstig op zoek naar een café, supermarkt, of iets anders waar hij suiker kon vinden. Helaas was het met de open supermarkten nogal dun gezaaid. Gelukkig gloorde daar dagwinkel Herkingen aan de horizon en konden C. en ik daar Dextro halen om de laatste 23 kilometer door te komen. De hartkloppingen van de druivensuiker staan me nog zo vers in het geheugen dat drie jaar later ‘De Muur van Herkingen’ nog steeds een begrip is.

Goed anti-bonkvoer: vegaballetjes bij IKEA

C. en ik rennen al de hele dag van hot naar her: onbijten bij die ene hippe plek, hup de metro in en 30 minuten lopen naar het Rodin museum. Doorknallen naar een warenhuis waar we dan toch ook de delicatessenafdeling leegkopen en ineens is het half 4, hebben we de lunch overgeslagen en gutst het zweet uit alle poriën (want het is 30 graden). We zeggen wel dat we wat moeten eten maar komen helaas niet verder dan een koekje dat al de hele dag in de rugzak ligt te zweten.

Met volle boodschappentassen en een plekje in de schaduw zoekt C. naarstig naar een plek om onze krachten op te laden. Rond dit tijdstip zijn bij veel brasseries de keukens gesloten (Waarom? Leg me dit in godsnaam uit). Gelukkig is er op een halfuurtje lopen een plek waar de keuken nog open is. Maar als we na een kwartier wandelen langs een metrostation lopen wordt direct de knoop doorgehakt om in de wijk van ons hotel iets te eten. Daar hebben we ondertussen wat terrasjes gevonden met lekker eten waar je de hele dag kan bunkeren.

Zoekend naar eettentjes terwijl we op de metro wachten staat aan de overkant van het spoor een vrouw een trede hoger op de schaal van bonk. “How many steps was that Richard?”, roept ze naar haar man. 40 tredes, zegt Richard, zich van geen kwaad bewust. De vrouw zucht en zegt dat ze geen 40 tredes meer aan kan. “For Pete’s sake Richard”. Wij prijzen ons gelukkig dat we het niet zo ver lieten komen.

Maar dan blijkt de keuken van het restaurant dat we op het oog hadden dicht. De ober kijkt nog verontschuldigend, maar het kwaad is al geschied. “Maar”, zegt de ober, “verderop kun je nog wel iets eten.”

Ik loop koppig richting het terras. C. roept me achterna: “Ik voel nu echt een temper tantrum opkomen. Ik ga terug naar het hotel.” Ik mompel terug dat dat prima is maar dat ik dan niet ga navigeren. Dat blijkt geen probleem, met armen over elkaar en een gezicht op onweer heeft ze de metro-ingang zo gevonden.

Eenmaal op het terras tegenover het hotel, cocktail aan de lippen en een tafel vol hapjes kan er toch een lachje vanaf. Maar die Amerikaanse vrouw had het toch beter voor elkaar had dan wij. Een Richard die vertelde hoe ver iets was, had ons een kleine bonk bespaard.

Na herstelcocktails en hapjes stelt C. voor om naar een winkel te gaan en knik ik instemmend. Ik kan de wereld weer aan. Eenmaal binnen wordt het zwart voor mijn ogen en voelt alles alsof ik een flashbang uit Call of Duty: Modern Warfare 2 heb gekopt. Richard had me wel mogen waarschuwen voor de hoeveelheid tredes bij alle op- en afstapjes. De flashbang piep krijg ik de rest van de avond niet meer uit mijn oren.

Ik heb na een diepe speurtocht op het internet een gravelfiets gekocht (sorry lezers van De Weekstart. Volgende week is er weer een normale Weekstart zonder gelul over fietsen, spandex of Strava segmenten). Een gravelfiets heeft zowel de lusten van een racefiets (aerodynamische houding, racefiets frame), als de lusten van mountainbiken (dikkere banden waardoor je ook kan off-roaden door het bos).

De gravelfiets in volle glorie, met weekendbepakking, tijdens een andere trektocht.

De vuurdoop voor mijn nieuwe gravelfiets is een zelf uitgestippelde route naar natuurgebied Planken Wambuis op de Veluwe. Deels omdat ik Planken Wambuis een grappige naam vind maar ook omdat volgens Reddit de Veluwe een gravelwalhalla is. Het zou volgens route-app Komoot een tocht van 130 kilometer worden. “Appeltje, eitje”, dacht ik, als puber fietste ik op fietsvakantie 100-120 kilometer per dag. Helaas vergat ik dat die tochten 10 jaar geleden waren, toen ik een puberende spaghettisliert was.

Met twee gelletjes, een banaan en een droom in mijn broekzak vertrok ik. Zonder slot, want dat zou teveel wegen voor deze lange tocht. Alles voor de aeordynamica.

In Rhenen kreeg ik de rekening voor de ‘aerodynamica’ gepresenteerd. Ik had ondertussen echt wel honger, maar durfde niet mijn nieuwe fiets open en bloot in het fietsenrek te zetten zonder in de buurt te kunnen zitten. Toch maar doorzetten die Grebbenberg op en later op een bankje naast de weg die banaan wegwerken. Wat een leven als aanstormend fietstalent.

Hoogmoed komt voor de val: ik zie dat ik met iets minder dan 150 kilometer op de teller thuis ga komen. Dat zou Tadej Pogačar ook niet laten gebeuren, dus besluit ik in Driebergen-Rijsenburg één kilometer heen en één kilometer terug de winkelstraat door te fietsen, zodat ik aan de 150 kilometer kom. Halverwege de winkelstraat slaat de kramp toe en sta ik met mijn benen te schudden tot de kramp eruit schiet. Tot overmaat van ramp belt C. waar ik blijf. “Ik kom eraan schat”, zeg ik, maar ik heb geen idee hoe dan.

Omfietsen vereeuwigd op Strava.

Ik drink erg graag koffie. Niet alleen voor de caffeïneboost, ik vind het ook erg lekker. Daarom drink ik op een gemiddelde werkdag zo’n 10-15 koppen koffie (wel maar tot 2 uur, want anders slaap ik niet. Iets wat wel elke avond lukt wonder boven wonder).

De koffiebonk slaat elke dag om klokslag 13:00 toe, als ik net na de lunch snel twee koppen koffie drink. Gewoon zodat ik langer na kan genieten van de koffiesmaak. Maar met trillende handen, hartkloppingen en wazig zicht ben ik alles behalve productief. Ik beloof mezelf dat ik dit morgen niet wéér laat gebeuren. Maar de volgende dag smaakt het eerste kopje zo goed dat ik na de lunch weer precies dezelfde fout maak.

Lieve lezers, de beste bonk is de bonk die je voorkomt. Volgende week weer een normale Weekstart zonder gelul over fietsen. Tot de volgende gastpublicatie (waarschijnlijk duurt het weer drie jaar). Ik beloof dat die echt niet over fietsen zal gaan.

Tot Bonk,
Luuk

Italië 2021, gevaarlijk dichtbij een hitte-bonk
  1. Bee Gees - Stayin Alive. Wat een plaat, kom je altijd mee thuis. Ook als je naast de AKO kramp uit je benen staat te schudden.

  2. Cliff Bar Bloks. Dit zijn een soort winegums die helpen tegen de bonk als je op de fiets zit. Vind ik lekkerder dan die gore gelletjes, dat is net opgewarmde babyvoeding.

  3. Strava is geen Instagram. Lekker boeiend dat er een bepaalde afstand of gemiddelde bij je tocht staat. Fietsen draait om genieten van de natuur en de landschappen. Een klein beetje lijden hoort daar soms bij, maar ga niet tot het gaatje voor de kudos.

P.S.: Woon/werk/fiets je in de buurt van Utrecht (of een straal van 30km daaromheen) en lijkt het je leuk om een rondje te fietsen? Laat het vooral weten! Samen fietsen is leuker dan alleen en Stayin’ Alive in m’n hoofd herhalen ben ik af en toe ook zat. Wie weet kunnen we een Weekstart fietsclubje beginnen.

Subscribe je nog niet? Schrijf je gratis in via onderstaande knop. Stuur De Weekstart vooral door naar al je (kantoor)vrienden die elke maandag ook vliegend van start willen gaan. Of die een hart onder de riem (ik laat me vertellen dat mensen die nog dragen) kunnen gebruiken.

Oxfam Novib doet wereldwijd veel goed werk. Zo zorgen ze bijvoorbeeld voor noodhulp in Palestina of in Soedan. Op de website van Oxfam Novib vind je informatie over alle gebieden waar deze organisatie hulp verleent en over alle andere dingen waar deze organisatie zich voor inzet. Doneren is altijd een goed idee, al is het maar een paar euro. Alle kleine beetjes helpen.

Genoot je van deze Weekstart? Met een koffie maak je me altijd heel blij. Koop een kopje koffie voor me.

No posts

Read the original on deweekstart.substack.com

Comments

Nothing yet. Say the first thing.

    Sign in to join the conversation.