Gepubliceerd in het Financieele Dagblad
We letten op het energielabel van onze woning, weten welke koelkast zuiniger is en kunnen gezonde van ongezonde ontbijtgranen onderscheiden met de Nutri-Score. Maar nu we weer massaal met vakantie gaan, hebben we geen idee wat de voetafdruk van onze reis is.
Ik nam onlangs een retour Tokio en berekende (op basis van het model van de Zwitserse ngo MyClimate.org) dat ik hiermee zo’n 3700 kilogram CO2-equivalent (CO2e) uitstootte. CO2e is een maateenheid voor het effect van verschillende broeikasgassen op ons klimaat. Die 3700 kilogram CO2e is meer dan de jaaruitstoot van een gemiddeld Nederlands huishouden aan gas en elektriciteit.
Goede vergelijking
Daarom pleit ik voor een eenvoudig en krachtig hulpmiddel: een energielabel voor reizen. Niet met abstracte kilogrammen CO2e, maar met begrijpelijke categorieën. Bijvoorbeeld: ‘deze vliegreis is één maal de uitstoot van een gemiddeld huishouden per jaar’, of ‘deze treinreis is een honderdste van de uitstoot van een huishouden per jaar’.
Zo’n label zou direct zichtbaar moeten zijn bij het boeken van vluchten en vakanties, vergelijkbaar met het energielabel op wasmachines en andere apparaten. Want hoe kunnen mensen bewust kiezen, als ze niet weten hoe duurzaam of vervuilend hun keuze is?
Er is geen betere vergelijking dan de vergelijking met het gemiddelde energieverbruik van een huishouden. Iedereen weet ongeveer wat er komt kijken bij het verwarmen van een huis. Maar vrijwel niemand weet wat de uitstoot van 2400 kilogram CO2e betekent. En als je het niet begrijpt, is het moeilijk verantwoordelijkheid nemen.
Critici zullen zeggen dat het ingewikkeld is om exact te berekenen hoeveel een reis uitstoot. Dat klopt: de werkelijke uitstoot is afhankelijk van factoren zoals vliegtuigtype en bezettingsgraad. Maar dat hoeft het systeem niet in de weg te staan.
Helder beeld krijgen
Door te werken met staffels – bijvoorbeeld een schaal in stappen van 0,5 keer de gemiddelde jaaruitstoot van een huishouden – kunnen reizigers wél een helder beeld krijgen zonder te pretenderen dat het op de gram nauwkeurig is.
Bovendien is er al een mooie basis: de Europese Commissie introduceerde vorig jaar het Flight Emissions Label, een vrijwillig label dat luchtvaartmaatschappijen sinds deze zomer kunnen gebruiken. Hierop staat hoeveel CO2e een specifieke vlucht uitstoot per passagier. Het is dus technisch en logistiek mogelijk om de nodige data zichtbaar te maken. Wat ontbreekt is een vertaalslag naar iets wat mensen echt begrijpen en voelen; een energielabel voor reizen.
Snelle invoering
Voor diegenen die er een duivels genoegen in scheppen om zo veel mogelijk broeikasgassen de lucht in te pompen zal een energielabel voor reizen overigens tot weinig verandering leiden. Daarvoor is regelgeving nodig zoals het daadwerkelijk beprijzen van de klimaatschade die vliegreizen veroorzaken. Dit gebeurt al voor autoritten en busreizen, via accijnzen. Die beprijzing laat echter op zich wachten. Invoering van een energielabel kan snel en beperkt de keuzevrijheid niet.
‘Als de uitstoot van een reis inzichtelijk wordt, zal een deel van de mensen andere keuzes maken’
Bovendien is draagvlak voor zo’n label groeiend. De gemeenten Den Haag, Nijmegen, Utrecht en Delft hebben al een verbod op fossiele reclames in het straatbeeld. Dus reclames voor vliegvakanties mogen daar überhaupt niet worden getoond.
En het principe van nudging leert ons dat een energielabel impact heeft. We hebben een beperkte cognitieve capaciteit, waardoor we bij veel informatie in één keer, vaak niet de beste keuzes maken. Nudges kunnen helpen om complexe beslissingen makkelijker te maken, door informatie in een simpel format te presenteren. Bovendien wordt opvallend gepresenteerde informatie zwaarder meegewogen. Als de uitstoot van een reis duidelijk inzichtelijk wordt, zal een deel van de mensen andere keuzes maken.
Niet willen weten
Het energielabel voor reizen gaat dus uit van de veronderstelling dat veel mensen niet of slechts latent weten wat precies de voetafdruk van hun (vlieg)reis is. Wellicht drukken we de paar brokjes informatie die we wél weten bewust weg in het achterhoofd, om de keuze voor het type vakantie minder pijnlijk te maken. Een vakantie moet leuk zijn, en dan willen we geen vliegschaamte en niet bezig zijn met ons duurzame gedrag.
In die zin lijkt een energielabel voor reizen op het Beter Leven-keurmerk, dat de mate van dierenwelzijn inzichtelijk maakt. Bij de invoering speelde dezelfde dynamiek: consumenten wisten of wilden liever niet weten wat het ‘welzijn’ van plofkippen was als ze een stuk kipfilet uit de schappen haalden.
Als je eenmaal weet dat een gezinsvakantie naar Bali evenveel CO2 uitstoot als acht jaar verwarmen, douchen en koken thuis, ga je toch anders naar die boekingsknop kijken. Misschien kies je dan toch een treinreis naar Berlijn. Of je stelt die verre reis nog even uit. Niet omdat het moet, maar omdat het voelt als een goede keuze. Hoog tijd dus om reizen – net als koelkasten, woningen en ontbijtgranen – van een label te voorzien
No posts

Comments
Nothing yet. Say the first thing.
Sign in to join the conversation.